De financiële crisis heeft ook een mooie kant: Nederland bespaart miljarden op de financiering van de staatsschuld, terwijl de schuld veel groter is geworden en nog steeds groeit. Door de extreem lage rente kan Nederland goedkoper lenen en hoeft dus veel minder rente te betalen over de staatsschuld.

De rentelast, dat is de rente als percentage van de schuld, bedroeg vorig jaar 2,4 procent. Niet eerder was dat zo laag. De staatsschuld is in de voorbije twintig jaar verdubbeld, maar de rentelasten zijn bijna gehalveerd.

In 1995 betaalde de Nederlandse overheid 17,2 miljard euro aan rente over een staatsschuld van toen iets minder dan 250 miljard euro. Vorig jaar betaalde de staat over bijna 450 miljard euro schuld slechts 10,4 miljard euro aan rente. Nederland bespaart dus miljarden euro's dankzij de uitzonderlijk lage rente.

Wanbetaling

De rente die financiers en beleggers in staatsschulden vragen, hangt samen met de financiële en economische betrouwbaarheid van een land. Rente weerspiegelt het risico op wanbetaling, het risco dat een land zijn verplichtingen niet nakomt.

Hoe degelijker de staatshuishouding en hoe sterker de economie van een land, des te kredietwaardiger is een land en des te kleiner het risico op wanbetaling. En des te lager is de rente.

Nederland wordt door financiële markten als een heel kredietwaardig en betrouwbaar land gezien. De Nederlandse rente op de standaard 10-jaars staatsleningen bedraagt momenteel slechts 1,7 procent In de aanloop naar de crisis betaalde de overheid meer dan 4 procent rente.

Eurolanden

Ook de looptijd voor staatsleningen is van belang voor de hoogte van de rente, net als bij een hypotheek. Een land dat veel geld leent voor slechts 5 of 10 jaar is aan rente goedkoper uit dan landen die voor langere tijd geld lenen. Duitsland bijvoorbeeld heeft door de langere looptijden van zijn staatsschuld hogere rentelasten dan Nederland.

Het voordeel van de lage rente geldt voor meer eurolanden. Vorig jaar bedroeg de gemiddelde rentelast voor de 17 eurolanden 3,1 procent. Nederland, maar ook Duitsland, Finland, Luxemburg en Frankrijk zitten daaronder. Landen met veel te hoge schulden of grote economische problemen zitten erboven, zoals Portugal, Spanje, Ierland en Italië.

Griekenland had vorig jaar een verrassend lage rentelast dankzij de noodsteun die het land sinds 2010 krijgt. Over de 220 miljard euro hoeft Griekenland namelijk maar heel weinig rente te betalen waardoor de rentlast uitkomt op slechts 2,3 procent.

STER reclame