Polderselectie nog altijd trauma

Aangepast

Door redacteur Lambert Teuwissen

Eva Vriend kent de vooroordelen over Flevoland. "Op die kale vlakte gebeurt toch niks. Geef maar snel een dot gas op de A6. En als je in Almere een huis koopt, dan is dat omdat je Amsterdam niet kunt betalen", somt ze meewarig op.

Maar vlak na de drooglegging werden de IJsselmeerpolders gezien als een Hollands paradijs. Over de strenge selectieprocedure voor de moderne Adams en Eva's schreef Vriend 'Het Nieuwe Land'.

De vraag naar het nieuwe land was enorm, schrijft Vriend, zelf kleindochter van een van de gelukkigen. "Als je hiernaartoe kon verhuizen, dan had je een huis van steen, met een tuin! Kwam daar maar eens om in de jaren van de woningnood. Laat staan een boerderij, dat was helemaal fantastisch."

Telkens weer overtrof de vraag het aanbod makkelijk. In 1951, het jaar dat haar opa werd ingeloot, waren er 3018 kandidaten voor slechts 135 boerderijen.

Snoeihard

Het Rijk had het dus voor het uitzoeken en wilde alleen de beste boeren en de beste burgers. "Die dacht: we hebben hier heel bijzondere landbouwgrond en we moeten er echt uithalen wat erin zit. Dat ging op een manier waarbij wij vandaag de dag grote vraagtekens zetten."

Om te beginnen was er een lijst met algemene kenmerken waaraan kandidaten moesten voldoen. De boeren moesten tussen de 30 en 50 jaar oud zijn, getrouwd (vrijgezellen zouden niet honkvast genoeg zijn), praktische en theoretische kennis hebben en er financieel goed voorstaan. Wie actief was in de kerk, het dorps- of verenigingsleven had een streepje voor, want dat alles ontbrak er natuurlijk nog aan in de polders.

De selecteurs legden huisbezoeken af om een goed beeld te krijgen van de aanvrager. Hun oordeel kon snoeihard zijn. "Een stugge, zeer onvriendelijke man. Zijn ontwikkeling is gering", oordeelde een ambtenaar over een kandidaat. Een ander "lijkt me een inhalige schraper", een derde was "goedwillend en plichtsgetrouw", maar ook "slecht ontwikkeld en dom". Allemaal afgewezen.

Trauma

De afgewezen boeren bleven vaak met een groot trauma zitten. Niet vanwege de scherpe bewoordingen (die kregen ze namelijk nooit te zien), maar vanwege het stigma dat een afwijzing betekende.

"Het was niet zomaar een sollicitatie, het ging echt om jou. Jij was niet goed genoeg als mens en dat maakte het zo hard. Het werd als een persoonlijke vernedering ervaren. Helemaal als de buurman het wel kreeg."

Doordat de selecteurs nooit correspondeerden over de vraag waarom iemand was afgewezen, bleven sommigen hoop houden. "Er bleef een soort worst voor je neus hangen. Je probeerde het het jaar daarop weer. Het grootste leed is ontstaan doordat mensen niet wisten waar ze aan toe waren en jaar op jaar een afwijzing kregen."

Rechte schouders

Gepraat werd er niet over het stille verdriet. "De mensen van die generatie praatten sowieso niet over hun emoties en gevoelens. Maar ze wilden ook sterk blijven naar de buitenwereld, om bij de volgende selectie weer een goede kans te maken. Als je dat wilt, dan ga je niet zitten kniezen. Ze bleven met rechte schouders rondlopen, maar waren ondertussen heel gespannen."

De pijn zit ook nu nog altijd diep bij degenen die afgewezen werden, merkte Vriend toen ze mensen interviewde voor het boek. "Er zijn flink wat afspraken op het laatste moment afgebeld. Ik zat voor heel veel mensen echt aan een korstje te peuteren."

Beste intenties

Toch oordeelt Vriend niet al te hard over de selectieprocedure. "Ze hebben een heel project neergezet in de polder. Als je ziet hoe snel het allemaal is gegaan en wat het heeft opgeleverd, daar hoef je nu niet meer mee aan te komen bij ruimtelijke ordeningsprojecten. Dus ja, ze hebben het tamelijk r├╝cksichtslos gedaan, maar wel een goede prestatie geleverd."

Bovendien, redeneerden de ambtenaren, een vrije toestroom zou rampzalig zijn geweest. Dat was wel gebleken bij de Haarlemmermeerpolder in de 19de eeuw. Daar lukte het alleen de beste boeren om te overleven.

"De eerste generatie daar heeft het ontiegelijk zwaar gehad. Dat was niet de bedoeling in de IJsselmeerpolders. Er was zelfs een soort redenering dat ze mensen na de Tweede Wereldoorlog zoiets niet meer aan konden doen, omdat ze niet nog meer mensen wilden zien lijden. Ze wilden mensen tegen zichzelf in bescherming nemen."

Lelystad geen succes

De selectieambtenaren wijzen ook graag op de problemen met Lelystad, waar de strenge procedure losgelaten werd. "In de jaren 70 was er geen draagvlak meer voor. Bovendien was het logistiek niet haalbaar; dan moet je zo veel mensen selecteren."

"De overloop van Amsterdam kwam naar Lelystad. Dat waren mensen waar het daar eigenlijk ook niet zo goed mee ging. Als je die bij elkaar zit, is dat geen garantie voor succes."

Trots

Vriend speculeert dat het rond die tijd ook fout is gegaan met het imago van Flevoland. Bovendien verschoof de nationale trots van de Zuiderzeewerken naar het Deltaplan. Het bijzondere van Flevoland werd langzaam vergeten en de effecten van de strenge selectieprocedure bleken nauwelijks door te werken in latere generaties. De natuur won het van de planning.

"Dat ben ik mijzelf steeds meer gaan realiseren: je hebt een plan, maar uiteindelijk loopt het leven altijd anders. Het blijft mensenwerk."

In haar boek haalt ze een uitspraak aan van haar opa, die overleed vlak voordat hij het wat rustiger aan zou gaan doen als boer. "Als je denkt: nu komt het, dan is het vaak juist voorbij."

Eva Vriend - Het Nieuwe Land - Balans - ISBN: 9789460036057

STER Reclame