Ex-slaaf blijft nog vaak bij zijn meester

Aangepast

Door buitenlandredacteur Esther Bootsma

Goed idee, de televisieserie over slavernij die deze week is begonnen. Alleen jammer dat de serie vooral gaat over vroeger en niet over nu. Dat vindt antropologe Lotte Pelckmans, die donderdag in Leiden promoveert op hedendaagse slavernij in Mali.

Want slavernij mag er officieel verboden zijn, in de praktijk hebben nog miljoenen mensen in West-Afrika een slavenstatus. En daar komen ze maar moeilijk van af, ontdekte Pelckmans.

Populair

De serie De Slavernij (NTR) gaat vooral over de transatlantische slavernij: Afrikanen die in de zeventiende en achttiende eeuw door Europeanen naar Amerika werden verscheept. "Dat is een populair onderwerp. Neem films als Amistad en de restauratie van slavenforten", zegt Pelckmans. "Maar meestal wordt verzwegen dat Afrikanen zelf al eerder in slaven handelden en dat dat nog steeds grote gevolgen heeft."

Pelckmans volgt al tien jaar ex-slaven en hun meesters in Mali. Ze probeert uit te vinden of en hoe mensen zich aan hun slavenstatus proberen te ontworstelen. "Wij denken vaak dat emancipatie van slaven vanzelf gaat, maar dat valt tegen. Vooral omdat er geen sociale zekerheid is. Als je besluit je niet meer als slaaf te gedragen en weggaat uit het dorp, kun je in slechte tijden nergens op terugvallen. Als je bij je (ex-)meester blijft, weet je tenminste zeker dat hij je verzorgt, dat is zijn islamitische plicht."

Strafbaar

In landen als Mali, Niger en Mauretanië heeft nog steeds één op de zes mensen een slavenstatus, melden organisaties als SOS-Esclaves en Anti-slavery International. In Mauretanië is slavernij zelfs pas sinds 2007 strafbaar. Tot nu toe is er zelden iemand voor veroordeeld.

"Binnen de groep zijn wel grote verschillen", zegt Pelckmans. "Iemand die afstamt van slaven van de koninklijke familie leeft rianter dan een ex-slaaf van arme veehouders, die nog steeds een deel van de oogst aan zijn ex-meester moet afstaan. Ook diegenen die het ver geschopt hebben, ontsnappen moeizaam aan het verleden. Een politicus kan door zijn slavenafkomst niet als leider worden aanvaard."

Behalve hun lage status, hebben ze volgens de islamitische wet ook weinig rechten. Zo mogen ze niet trouwen met iemand uit een 'vrije' familie. Ze mogen niet naar Mekka, ze mogen geen dieren voor zichzelf slachten tijdens offerfeesten, ze mogen geen imam worden.

Toch blijven vooral oudere generaties zich vaak als slaven gedragen. "Ze laten zich nog steeds niet in geld uitbetalen, dat vinden ze niet bij de traditie horen. Ze bouwen bijvoorbeeld het huis van hun meester en krijgen daar een mooie lap stof voor of colanoten of sigaretten." Sommigen zeiden zelfs trots tegen Pelckmans dat ze slaaf van iemand waren.

Grof en lomp

De erfenis van slavernij fascineert Pelckmans. "Het thema is eigenlijk taboe en ongrijpbaar, maar tegelijkertijd juist erg aanwezig. Het begint al met de opvoeding. Zelfs de manier waarop mensen lopen en bewegen zou verschillen. Volgens hardnekkige stereotypes heeft de elite verfijnde gebaren en zijn slaven grof en lomp. De elite zegt zelf graag: 'wij zijn wit en slaven zijn zwart'. Maar ook de manier waarop dorpen georganiseerd zijn, met wijken voor ex-slaven, maakt dat mensen zich moeilijk plots een nieuwe (vrije) identiteit kunnen aanmeten."

Volgens Pelckmans is er maar één manier voor een slaaf om zich aan zijn sociale status te ontworstelen: wegtrekken uit het dorp. "Die mensen worden op andere plaatsen, zoals grote steden, vaak onafhankelijker en sterker. Maar uiteindelijk willen ze een gezin stichten en gaan ze terug naar hun dorp. Tot hun grote teleurstelling krijgen ze daar hun slavenstatus gewoon weer terug. Zelfs als ze geld hebben om eigen land te kopen." "Ik kende bijvoorbeeld een succesvolle man die veel geld had verdiend. Hij besloot tijdens een offerfeest een schaap te kopen en te slachten. Maar hij werd meteen teruggefloten. Hij werd bijna letterlijk aan zijn oren naar de koninklijke familie van het dorp gesleept. Heel zielig. Hij raakte er ook door in conflict met zijn eigen familie. Die zei: 'gooi jezelf niet in de strijd, je doet onze traditie teniet, je haalt de vloek van de goden op de hals.' Religie is heel belangrijk voor het in stand houden van slavernij."

Vrijkopen

Hoewel slavernij bij wet is verboden, proberen ex-slaven zich soms toch nog vrij te kopen. "Ik heb er certificaten van gezien. Je kunt een mooie baan hebben en het helemaal hebben gemaakt, maar als je ook sociale legitimiteit wil, als je het echt wil afmaken, is de grootste stap: jezelf vrijkopen."

"Het probleem is dat het voor mensen van slavenafkomst niet loont om hun emancipatie op de kaart te zetten. Zoals in de VS, waar mensen op zoek gaan naar hun wortels en zelfs schadeclaims indienen vanwege de vroegere slavernij. In Mali gebeurt het tegenovergestelde. Als mensen loskomen van hun slavenstatus, door weg te gaan of zich vrij te kopen, gaan ze zich juist gedragen als iemand van de elite. Soms gaan ze dan niet eens meer bij hun eigen familie op bezoek. Op die manier snijden ze alle banden met hun slavernijverleden door."