De walvis die dinsdag in de haven van Rotterdam werd aangetroffen op de boeg van een schip, leefde nog toen hij werd aangevaren. Dat concluderen onderzoekers van de Universiteit Utrecht.

Op het kadaver van de 13 meter lange vinvis is een bloeduitstorting gevonden. Dat duidt erop dat het dier nog niet dood was toen het in botsing kwam met het containerschip.

Het containerschip meerde na een reis uit het Verre Oosten aan in de haven van Rotterdam. Waarschijnlijk heeft de vinvis vier of vijf dagen op de boeg gelegen, zonder dat iemand het doorhad. Vermoed wordt dat hij in de Atlantische Oceaan bij Portugal of Spanje geschept is.

Kraakbeen

Medewerkers van natuurhistorisch museum Naturalis hebben het dier ontleed. Ze hebben vastgesteld dat het om een éénjarige gewone vinvis gaat van het mannelijk geslacht.

Naturalis heeft besloten de vinvis achter te laten in Rotterdam, omdat het weinig kan met het kraakbeen van het onvolgroeide dier. Er zijn slechts delen van het skelet meegenomen naar het museum in Leiden.

STER reclame