NOS
NOS Nieuws

'Breder perspectief nodig voor onderwijs over slavernijverleden'

  • Sophie Moerland

    redacteur Binnenland

  • Sophie Moerland

    redacteur Binnenland

De excuses voor het slavernijverleden van afgelopen maandag zijn volgens het kabinet een eerste stap. De komende jaren moet de bewustwording rond het onderwerp worden vergroot. Het onderwijs is hier de uitgewezen plek voor, maar daarvoor moeten wel de lesprogramma's van het vak geschiedenis worden aangepast.

De basis voor het huidige geschiedenisonderwijs werd zo'n twintig jaar geleden gelegd. Historische gebeurtenissen worden vooral vanuit Europees oogpunt belicht, waardoor er weinig aandacht is voor de verschillende perspectieven.

Als het over slavernij en kolonialisme gaat is het volgens Hanneke Tuithof belangrijk dat dit vanuit een wereldperspectief bekeken wordt. Ze is als vakdidacticus geschiedenis verbonden aan de Universiteit Utrecht en de Hogeschool Utrecht.

''We hebben slavernij voorheen behandeld als iets gruwelijks dat ver weg gebeurde,'' aldus Tuithof: ''De omslag die er nu gemaakt is, is dat we ons veel meer realiseren dat het ons verhaal is. Dat het de geschiedenis van iedereen in Nederland is en dat het nog heel veel gevolgen heeft in het heden. Dat komt nog niet altijd in het onderwijs tot zijn recht.''

Heel erg druk

Om ruimte te maken voor die verschillende perspectieven is er een ander curriculum nodig. Op dit moment wordt er onderzocht hoe Nederlands, moderne vreemde talen, wiskunde, maatschappijleer en de betavakken moeten worden geactualiseerd. Geschiedenis komt later aan de beurt.

Tuithof vreest dat het in het huidige tempo nog jaren duurt voordat het curriculum van het vak is aangepast. Tot die tijd is is het aan de docent om het bredere perspectief te behandelen.

''Ik heb heel veel vertrouwen in docenten, maar ze hebben het heel erg druk. Je kan niet verwachten dat ze helemaal bij zijn ten aanzien van het maatschappelijk debat en het onderzoek dat gedaan wordt'' aldus Tuithof.

Ver van je bed show

Op basisschool De Bron in Enschede was er ook behoefte om het slavernijverleden breder te behandelen. Hoewel het onderdeel is van de lesstof in de bovenbouw, wilde docent Nick de With proberen het onderwerp tastbaarder te maken.

''Voor veel kinderen is het een ver-van-je-bed-show. Iets wat zich afspeelt in Suriname, in Curaçao, in landen ver weg. Ik wil dat graag hier naartoe halen. Want het speelt ook in Enschede,'' vertelt De With.

In de extra lessen die er kwamen is er niet alleen aandacht voor wat er op de plantages is gebeurd, maar wordt er ook gekeken hoe er in de omgeving werd geprofiteerd van slavernij. Ook is er aandacht voor hoe het slavernijverleden doorwerkt in de huidige generaties.

''Kinderen zeggen dat het ze dan meer raakt. Dan komt het dichterbij,'' vertelt De With: ''Dan leren ze er wat van en onthouden ze het beter."

Ze kunnen katoen voelen, suikerriet proeven, ondergaan hoe het gevoeld zou hebben als je geboeid of geketend zou zijn.

Maria Karg, Stichting Stil Verleden

Maria Karg van Stichting Stil Verleden kwam langs op de school voor een voorlichtingsles. Hierin vertelt zij haar persoonlijke verhaal over het slavernijverleden. Ze stamt af van een eigenaar van een katoenplantage in Suriname en een tot slaaf gemaakte.

Tijdens de lessen laat Karg een koffer met spullen zien die verband hebben met het slavernijverleden. ''Ze kunnen katoen voelen, suikerriet proeven, ondergaan hoe het gevoeld zou hebben als je geboeid of geketend zou zijn,'' vertelt Karg, ''Op deze manier worden alle zintuigen in werking gezet.''

Inmiddels geeft ze meer dan twintig jaar les op scholen. Hoewel ze ziet dat het onderwerp vaker en beter behandeld wordt, is dit nog wel heel erg afhankelijk van de docent. ''Er zijn leerkrachten die dit onderwerp niet durven te behandelen omdat ze er niet veel van weten,'' aldus Karg.

Vast onderdeel

Op De Bron in Enschede zijn ze aan het bekijken hoe de uitgebreide aandacht voor het slavernijverleden een vast onderdeel kan worden in het lesprogramma van de bovenbouw. Op deze manier zijn ze voor een bredere behandeling van het onderwerp niet afhankelijk van een docent als Nick de With.

''Als je deze excuses serieus neemt dan moet je nu een commissie instellen die het programma voor geschiedenis gaat vernieuwen,'' zegt Hanneke Tuithof. Ze denkt dat het mogelijk is om een curriculum samen te stellen waarin veel mensen zich herkennen en waarin meerdere perspectieven de ruimte krijgen.

Deel artikel:

Advertentie via Ster.nl