Bram Peper in 1982
NOS Nieuws

Bram Peper, maker van het moderne Rotterdam, werd 'oud en eenzaam'

  • Dik Verkuil

    redacteur Online

  • Dik Verkuil

    redacteur Online

Bram Peper, die gisteren op 82-jarige leeftijd overleed, was zestien jaar burgemeester van Rotterdam. Hij gaat de geschiedenis in als de burgemeester onder wie Rotterdam zich ontwikkelde van een arbeidersstad in verval tot een dynamische metropool met een indrukwekkende skyline. Symbool daarvoor staan de Erasmusbrug, die in 1996 werd geopend en de Kop van Zuid, de moderne wijk die in de jaren 90 verrees op de in onbruik geraakte oude haventerreinen.

Peper groeide op in Haarlem als zoon van een communistische metaalarbeider. Hij kon goed voetballen en haalde als spits van de eerste divisieclub RCH het Nederlands amateurelftal.

Hij studeerde in die tijd sociale wetenschappen in Amsterdam. Later zette hij zijn studie voort in Oslo, waar hij zo goed Noors leerde spreken dat hij nog jaren later op bezoek in Noorwegen door Noren werd aangezien voor een Noor.

Schrijver voor anderen

Nadat hij in 1972 was gepromoveerd werd hij hoogleraar sociologie aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. In de jaren 70 werd hij ook een prominent lid van de PvdA, waar hij werd gezien als een invloedrijke partijbestuurder en een belangrijk politiek denker.

Zijn invloedrijkste stukken schreef hij onder naam van anderen. In 1981 schreef hij voor Joop den Uyl de zogenoemde Paradiso-rede, waarin de PvdA-leider waarschuwde voor de opkomst van wat hij Nieuw Rechts noemde, wat tegenwoordig bekendstaat als het neoliberalisme. Den Uyl bevestigde er zijn faam als politiek denker mee, maar de redevoering was van a tot z het werk van Peper, die voor het schrijven van de meer dan twee uur lange speech in de huid van Den Uyl was gekropen.

Veertien jaar later deed hij hetzelfde voor Wim Kok, toen hij de toespraak schreef waarin Kok zei dat het bevrijdend was om de ideologische veren af te schudden. Volgens Peper had Kok "een paar onleesbare kladjes" bij hem ingeleverd, waarvan hij in een paar uur een samenhangend betoog maakte. Het begrip 'ideologische veren' bleef aan Kok kleven; Peper had het overgenomen van zijn toenmalige echtgenote, de VVD-politica Neelie Kroes.

Bram Peper met Wim Kok

Peper gold niet alleen als een begaafde intellectueel maar werd door velen - niet in de laatste plaats ook door zichzelf - gezien als een kundig bestuurder. Die naam kreeg hij in Rotterdam, waar hij van 1982 tot 1998 burgemeester was. Hij had daarbij het geluk dat hij burgemeester werd in een tijd waarin de grote Nederlandse steden na de ondergang van de oude industrie ongure oorden vol bouwvallen en sociale problemen waren, en vertrok toen ze waren veranderd in magneten voor succesvolle jonge mensen. Amsterdam bijvoorbeeld maakte onder Pepers partijgenoot Ed van Thijn eenzelfde ontwikkeling door.

Toch was het ook Pepers eigen verdienste. Hij had een visie op de stad die daarbij paste, en bij zijn komst zeker niet door iedereen werd gedeeld. Hij wilde Rotterdam veranderen van een klassieke arbeidersstad in een stad waar ook de welvarende middenklasse zich thuis voelde, een stad waarin niet alleen gewerkt werd, maar ook geleefd.

Een belangrijk succes was de sluiting van Perron Nul, de plek naast het Centraal Station waar heroïneverslaafden gratis methadon kregen. Perron Nul had zich ontwikkeld tot een berucht onveilige plek, waar honderden verslaafden rondhingen. Peper zette de sluiting door ondanks heftig verzet van dominee Hans Visser en een belangrijk deel van de gemeenteraad.

Vijanden

Doordat Peper sociaal onhandig en arrogant kon zijn, maakte hij tijdens zijn burgemeesterschap ook vijanden. Berucht werd een interview in 1984, waarin hij en zijn toenmalige vrouw afgaven op de volgens hen lage kwaliteit van de ambtenaren op de Coolsingel. Het gaf ook een kijkje in een ander probleem van Peper: zijn van tijd tot tijd overmatige drankgebruik. Peper had het interview overduidelijk in benevelde staat gegeven. Zijn leven lang was hij ook een verstokt roker, met een verstikkende sigarenlucht om zich heen.

Kwaad bloed zette hij ook doordat hij zijn hoge dunk van zijn eigen kwaliteiten niet onder stoelen of banken stak en zich in de jaren negentig met zijn derde echtgenote, Neelie Kroes, als een jetset-stel presenteerde, met een levensstijl die slecht leek te passen bij een PvdA'er en bij de arbeidersstad die Rotterdam in de ogen van velen hoorde te zijn.

Het werd hem fataal nadat hij in 1998 minister van Binnenlandse Zaken was geworden. Binnen een jaar na zijn aantreden werd hij beschuldigd van fraude. Hij zou gemeenschapsgeld hebben gebruikt om zijn luxueuze levensstijl te financieren. De gemeente Rotterdam schakelde accountants van KPMG in, die concludeerden dat Peper voor 64.000 gulden ten onrechte had gedeclareerd. Het OM begon een strafrechtelijk onderzoek.

Bonnetjesaffaire

Om zich te verdedigen in de zogenoemde bonnetjesaffaire nam Peper ontslag als minister. Hij slaagde erin zijn naam te zuiveren. Na een lange juridische strijd zag het OM af van vervolging en werden de KPMG-accountants door hun tuchtkamer berispt. Dat nam niet weg dat Pepers carrière definitief voorbij was.

Neelie Kroes was bij hem weggegaan, volgens Peper omdat zij een 'golddigger' was, die hem had gedumpt toen hij het moeilijk kreeg en niet interessant meer voor haar was. Hij was ook bitter over de PvdA, die hem in zijn moeilijke jaren ook had laten vallen.

Oud en eenzaam

En zo was hij de laatste twintig jaar 'oud en eenzaam', zoals de titel luidt van een roman van zijn overleden vriend Gerard Reve.

Toen hij in 2019 werd bezocht voor een interview, ging bij hem twee keer de telefoon. Bij de tweede keer zei hij: "Ik krijg nooit bezoek en word nooit gebeld. En nu ik wel bezoek heb, bellen ineens twee mensen me." Misschien speelde hij de rol van eenzame oude man ook wel een beetje, want hij werd de laatste jaren regelmatig gezien met de boekhandelaar Maria Heiden, onder meer bij de uitvaart van Wim Kok.

Hij verzoende zich ook weer met Rotterdam, waarvan hij had gezegd dat hij zich er nooit meer zou laten zien. Na zijn eerherstel ging hij in het centrum in een mooi appartement aan de Maas wonen, samen met zijn grote boekencollectie. Maar typerend was dat aan het eind van zijn leven hem zijn zicht op de rivier ontnomen werd doordat tussen zijn flat en de Maas een nog hoger gebouw verrees.

Deel artikel:

Advertentie via Ster.nl