Bloemen worden gelegd bij het Indisch Monument tijdens de Nationale Herdenking van de Tweede Wereldoorlog in voormalig Nederlands-Indie ANP

De Nederlandse Staat hoeft de slachtoffers van de Japanse bezetting in voormalig Nederlands-Indië financieel niet te compenseren. Dat heeft de rechtbank in Den Haag geoordeeld in een zaak die was aangespannen door de Stichting Japanse Ereschulden. Compensatie hoeft van de rechter niet te worden betaald omdat de zaak is verjaard.

De Stichting Japanse Ereschulden (SJE) was een procedure tegen de Nederlandse Staat gestart vanwege de oorlogsschade die Nederlanders opliepen tijdens de Japanse bezetting in voormalig Nederlands-Indië, tijdens de Tweede Wereldoorlog. Naast de stichting eisten ook vijftien Nederlanders een schadevergoeding. Onder hen waren zowel mensen die zelf slachtoffer zijn geweest als familieleden van slachtoffers.

Toch pleitte de rechtbank de Nederlandse Staat niet compleet vrij. Na de oorlog werd door Nederland compensatie uitgegeven, waarbij wel degelijk onderscheid werd gemaakt tussen slachtoffers van de Duitse en Japanse bezetters. "Dat viel ongunstig uit voor de slachtoffers van de Japanse bezetter en daar was geen rechtvaardiging voor", oordeelde de rechtbank. Op basis van verjaring werd de eis alsnog afgewezen.

Stichting toch blij met het vonnis

De voorzitter van de stichting, Jan van Wagtendonk (83), is toch blij zijn met de uitspraak. "Heel duidelijk is dat de Nederlandse Staat onrechtmatig heeft gehandeld. Het is jammer dat het is verjaard, maar de uitspraak geeft mij hoop dat we verder kunnen." Of er een hoger beroep volgt, wilde hij niet zeggen.

Van Wagtendonk hoopt vooral op een gesprek met de politiek. "Ik heb als voorzitter van de stichting van alle kanten geprobeerd om met de politiek rond de tafel te komen. Nu ligt er een vonnis waarmee we kunnen zeggen: 'we hadden gelijk'. Vandaag is voor mij persoonlijk dus geen verlies."

Advocaat Tom Barkhuysen, die de Stichting Japanse Ereschulden bijstaat, benadrukt dat de rechtbank heeft aangegeven dat de slachtoffers van de Duitse en Japanse bezetters anders behandeld zijn door de Staat. "Daarin lezen wij een oproep aan de politiek, om dat verschil - voor zover dat gaat - zoveel mogelijk recht te zetten."

'Geen compensatie door verdragen'

Tijdens de bezetting werden zowel burgers als krijgsgevangenen in Japanse concentratiekampen opgesloten. De stichting pleitte voor een compensatieregeling, omdat veel slachtoffers van de Japanse bezetting fysieke en geestelijke schade hebben opgelopen. De stichting sprak onder meer van uithongering, marteling, onthouding van medische zorg en seksuele uitbuiting.

Volgens de SJE kon voor compensatie niet bij Japan worden aangeklopt, door twee verdragen die Nederland met Japan sloot. Het ging om het Vredesverdrag van San Francisco uit 1951 en het Stikker-Yoshida Protocol uit 1956. Japan heeft daar ook vaak op gewezen.

Volgens de SJE liet de Nederlandse Staat Japan de schade afkopen, zonder dat de Staat vervolgens compensatie aan de slachtoffers uitkeerde. De stichting wilde daarom dat de Staat over de brug zou komen.

STER reclame