Louis Andriessen ANP

Componist Louis Andriessen is op 82-jarige leeftijd overleden. Hij leed aan de ziekte van Alzheimer en stierf volgens de Volkskrant, die zijn dood als eerste meldde, in een verzorgingshuis in Weesp.

Louis Andriessen geldt als de invloedrijkste Nederlandse componist van zijn generatie. Hij speelde een belangrijke rol bij het ontstaan van de Nederlandse ensemblecultuur en wordt gezien als een van de grondleggers van de zogenoemde Haagse School (zie kader).

Zijn composities bestrijken alle muzikale genres, maar hij had een voorliefde voor theater, literatuur, dans en film. Hij werkte onder meer samen met de Britse filmmaker Peter Greenaway.

In zijn composities lag de nadruk op complexe akkoorden, gespeeld op (veel) blaasinstrumenten. Strijkinstrumenten gebruikte hij zelden.

"Waar je uiteindelijk naar zoekt, is een nieuwe schoonheid", zei Andriessen zelf over zijn composities. "Het is niet precies uit te leggen waarom iets nou zo verschrikkelijk mooi is. Dat is het geheim van de schoonheid en daar ben je de hele dag mee bezig."

Andriessen groeide op in Utrecht in een muzikaal gezin. Zijn vader Hendrik en oudere broer Jurriaan componeerden ook, zijn zussen speelden piano en fluit. Na een opleiding aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag studeerde hij bij Luciano Berio in Milaan en in Berlijn.

Hij zette zich af tegen het conservatisme in de muziekwereld. Samen met componist en pianist Reinbert de Leeuw was hij eind jaren 60 de initiatiefnemer van de Aktie Notenkraker, waarbij om meer waardering werd gestreden voor moderne klassieke muziek.

Ook schreef hij politieke werken zoals Volkslied en Workers Union.

Onconventionele stukken

Begin jaren 70 werd hij benoemd tot docent instrumentatie aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. Een paar jaar later werd hij ook docent compositie. Ook richtte hij in die periode de ensembles De Volharding en Hoketus op, die zijn onconventionele stukken uitvoerden.

De minimalistische compositie De Staat betekende eind jaren 70 zijn internationale doorbraak. Hij schreef het stuk als een bijdrage in het debat over de verhouding tussen muziek en politiek. Voor dit werk kreeg Andriessen in 1977 zowel de Matthijs Vermeulenprijs als de eerste prijs van het International Rostrum of Composers.

In de jaren 80 begon hij zich steeds meer toe te leggen op toneel- en filmmuziek en muziektheater. Bekende werken van Andriessen zijn de opera's De Materie, Rosa en Writing to Vermeer.

De laatste twee ontstonden uit een samenwerking met Peter Greenaway. Net als M is for Man, Music en Mozart, waarvoor hij begin jaren 90 opnieuw de Matthijs Vermeulenprijs kreeg.

In 2008 werd hij benoemd tot hoogleraar in de Scheppende Kunsten aan de Universiteit van Leiden. Datzelfde jaar ontving hij de Johan Wagenaarprijs voor zijn gehele oeuvre en ging de filmopera La Commedia tijdens het Holland Festival in première. Voor deze opera werd hij in 2011 beloond met de Grawemeyer Award for Music Composition van de Universiteit van Louisville.

Hij kreeg die Amerikaanse prijs omdat hij met dit werk de traditionele grenzen tussen muzikale genres en disciplines overschreed.

Ter gelegenheid van het 125-jarig bestaan van het Koninklijk Concertgebouworkest schreef hij in 2013 het werk Mysteriën. Daarmee werd na tientallen jaren de strijdbijl begraven tussen Andriessen en het orkest dat hij met de Aktie Notenkraker juist scherp had bekritiseerd.

December vorig jaar ging zijn laatste compositie in première: May. Andriessen liet zich inspireren door het gedicht Mei van Herman Gorter. Toen was ook duidelijk dat het Andriessens laatste werk zou zijn, omdat hij leed aan de ziekte van Alzheimer.

STER reclame