Bert Hassink heeft een gehandicaptenparkeerkaart RTV Oost

De kosten voor een Europese Gehandicaptenparkeerkaart (GPK) verschillen sterk per gemeente. In sommige gemeenten is de kaart gratis, in andere kunnen de kosten oplopen tot honderden euro's. Dat blijkt uit onderzoek, waarin de gegevens over de kosten van de GPK in 352 gemeenten op een rij werden gezet.

De absolute uitschieter is de Limburgse gemeente Heerlen. Daar betaal je tot 471,25 euro voor de kaart, terwijl de kosten in het naastgelegen Simpelveld 14,90 euro zijn.

Volgens de gemeente Heerlen wordt het hoge tarief alleen in uitzonderlijke gevallen, waarbij een medische keuring nodig is, gerekend. Als dat niet nodig is, komen de kosten uit op 111,25 euro.

Stefan van Rijs heeft een gehandicaptenparkeerkaart. In Zwolle betaalt hij daar 117,60 euro voor. "Voor mij zijn de gehandicaptenparkeerplaatsen echt noodzakelijk. Ze zijn vaak dicht bij een locatie en ze zijn wat ruimer opgezet. Dat heb ik ook echt nodig om met de rolstoel in en uit te stappen", zegt hij tegen RTV Oost.

Ook Bert Hassink uit Enschede heeft een GPK. En, net als Van Rijs, rijdt ook hij in een bestelbus met een rolstoellift. Maar Hassink is met 35,60 euro bijna vier keer goedkoper uit.

Van Rijs: "Het is op zijn zachtst gezegd wel vreemd. Ik vind het raar dat het bedrag niet overal hetzelfde is." Dat beaamt Hassink. "Het is Europees dezelfde kaart, met dezelfde regels."

Belangenvereniging Ieder(in) noemt de verschillen niet uit te leggen. "Een marge kan, maar die kan nooit zo groot zijn. Zo'n kaart is nodig voor je zelfstandigheid, voor de regie over je eigen leven. Het is geen hebbedingetje. Het is noodzaak", zegt beleidsmedewerker Martin Boerjan. Hij zou graag eenduidig beleid zien en meer solidariteit.

De Vereniging Nederlandse Gemeenten stelt dat gemeenten door decentralisatie hun eigen regels mogen bepalen. "De ene gemeente heeft het immers anders georganiseerd dan de ander en niet altijd worden de kostenposten op dezelfde manier aan het product toegerekend."

STER reclame