De brandweer blust de nasmeulende vegetatie na de verwoestende bosbrand AFP

Kaapstad likt zijn wonden na een heftige natuurbrand. Afgelopen weekend vlamde de iconische Tafelberg op verschillende plaatsen. Enkele dagen nadat het vuur is gedoofd, wordt de schade opgemaakt.

De generator draait op volle toeren voor de afgebrande bibliotheek van de Universiteit van Kaapstad. Bluswater wordt uit de kelder van het gebouw gepompt. Voor de deur staat Ujala Satgoor, de directrice van de bibliotheek. Ze draagt een witte bouwhelm, hoofdbedekking waarvan ze niet had kunnen bedenken die ooit te dragen in haar bieb.

Internationale wetenschappers en onderzoekers maken zich grote zorgen over de toestand van de collectie in haar bibliotheek. The Jagger Reading Room staat namelijk bekend om de grote collectie Afrikaanse studies. In eerste instantie werd gevreesd dat alles verloren was gegaan.

"Er liggen hier zeldzame antieke boeken, duizenden Afrikaanse films, honderden posters uit de antiapartheidsstrijd, oude documenten over inheemse talen", vertelt Satgoor. "Allemaal heel belangrijk om de Afrikaanse geschiedenis te vertellen."

Beelden van de brand afgelopen weekend:

Grote brand op hellingen Tafelberg Kaapstad treft ook bibliotheek van universiteit

Volgens de bibliotheekdirectrice zijn er in ieder geval tienduizenden boeken verbrand uit de leeszaal, waaronder waarschijnlijk oude eerste edities van boeken, en duizenden Afrikaanse films. Maar het goede nieuws is wel dat de kelder gespaard is gebleven en daar werden de zeldzaamste collecties bewaard. Daar staan rijen en rijen aan archiefkasten. Directrice Satgoor wil nog niet zeggen wat er gered is, totdat ze alles hebben veiliggesteld.

Medewerkers van de universiteit zijn daar druk mee bezig. Ze lopen vanuit de kelder met documenten en foto's naar een tent buiten om ze droog te houden. "Het vocht is nu onze grootste vijand, we zijn er nog niet."

Juist op deze universiteit is er aandacht voor de Afrikaanse cultuur en geschiedenis. Zes jaar geleden protesteerden studenten hier tegen een standbeeld op de campus van Britse koloniaal Cecil Rhodes. Rhodes werd uiteindelijk weggetakeld van de universiteitscampus. Het zette een bredere beweging in gang tegen het vooropstellen van westerse ideeën in het onderwijs en racisme.

De verwoesting in de bibliotheek van de universiteit EPA

Toen de brand begon, afgelopen zondag in de buurt van een gedenkplek voor Cecil Rhodes op Devils Peak nabij de universiteit, verschenen er op sociale media vooral geschokte berichten maar was er ook een enkeling die schreef niet rouwig te zijn dat het koloniale verleden brandde. Daarna sloeg het vuur snel over. Honderden hectaren aan natuur zijn afgebrand. Brandweermannen werkten dag en nacht om ervoor te zorgen dat het vuur geen woonwijken bereikte, maar konden behalve de bibliotheek ook andere historische gebouwen niet redden.

Zoals een stukje Nederlandse koloniale geschiedenis, aan de overkant van de campus. De Zuid-Afrikaan John Hammer schept daar door het gruis. Hij is op zoek naar metaal. "Kijk, dit is een eeuwenoude spijker, die gaan we weer gebruiken." Hammer staat in de zwartgeblakerde romp van een windmolen uit het einde van de achttiende eeuw, die vlak langs een doorgaande weg ligt in Kaapstad. Wieken liggen kapot op de vloer naast de molen.

Hammers ogen staan zwaar. De afgelopen dagen spitte de gepensioneerde Zuid-Afrikaan hier door de restanten van de molen voordat schroothandelaren er hun vingers op zouden leggen om te verkopen. In de romp is bijna niets meer heel. Al het houtwerk is afgebrand en je kijkt naar de hemel. Het was de rieten kap van de molen die het eerst vlam vatte. "Had iemand die maar nat gesproeid toen de eerste vonk oversprong vanuit de bomen aan de andere kant van de weg", verzucht hij.

De resten van Mostert's Mill na de brand AFP

Hammer is lid van een enthousiaste molenclub, vrienden van de Mostert's Mill, die de afgelopen decennia hard hebben gewerkt om de molen te restaureren. De molen is gebouwd in 1796 door nazaten van de eerste Nederlanders die zich in de Kaap vestigde, nadat Jan van Riebeeck er in 1652 een verversingspost had opricht voor de Verenigde Oost-Indische Compagnie. Het was een privémolen van nog geen zeven meter hoog.

"Nederlandse toeristen die hier komen, lachen soms om ons kleine molentje", zegt Hammer, die nog iedere maand meel maakte voor bezoekers. Hammer is vastberaden om de wieken van de historische molen weer te laten draaien en hij krijgt steun uit Nederland.

Molenaar Sven Verbeek uit Veen in Noord-Brabant heeft al jaren contact met de Zuid-Afrikaanse molenclub. "Dit is een unieke molen", zegt hij. "De romp is echt van een Afrikaanse bouwstijl, maar ze gebruikten Nederlandse techniek." Hij is nu een crowdfundingcampagne begonnen voor de restauratie. "Ik probeerde me te verplaatsen mijn Zuid-Afrikaanse collega en kan me niet voorstellen hoe het moet voelen als je molen afbrandt."

STER reclame