Basisschool De Verwondering in Monnickendam ANP

Doordat er te veel verantwoordelijkheden liggen bij leraren in het basisonderwijs komen zij niet meer toe aan de kern van hun vak: het geven en ontwikkelen van onderwijs. Dat stelt de Onderwijsraad in een advies aan de Tweede Kamer. De raad waarschuwt dat de kwaliteit daardoor achteruitgaat en pleit voor meer investeringen.

Volgens de raad moet het idee losgelaten worden dat één leraar verantwoordelijk is voor alle activiteiten voor een groep. Er zou meer gedifferentieerd moeten worden en meer gebruikgemaakt moeten worden van de expertise van onderwijsassistenten, vakleerkrachten en andere specialisten.

Vicieuze cirkel

Voorzitter Edith Hooge benadrukt dat het belangrijk is om "meer focus aan te brengen in het werk van basisschoolleraren en zo de vicieuze cirkel van werkdruk en lerarentekort te keren".

Met structureel meer geld van het rijk moeten er meer mensen aangenomen worden, zodat leraren gemiddeld minder uren voor de klas hoeven te staan. De tijd die vrijkomt, kunnen ze dan besteden aan het ontwikkelen van onderwijs. "Het is zaak dat leraren lessen, lesmateriaal en toetsen ontwerpen en implementeren, en ook analyseren en evalueren."

Volgens de Onderwijsraad is de werkdruk afgelopen decennia steeds verder opgelopen omdat leraren veel meer moeten doen dan de kernvakken. De raad wijst erop dat scholen bijvoorbeeld extra ondersteuning bieden bij achterstanden en hulp bieden aan leerlingen met een beperking. Ook wordt van leraren verwacht "dat ze zich meer en beter verantwoorden. Dit brengt meer werk en administratieve lasten met zich mee."

De raad wijst er daarbij op dat het ziekteverzuim in het onderwijs hoog is, dat veel leraren thuiszitten met burn-outklachten en dat een deel de sector verlaat.

STER reclame