NOS

Het is een thema dat regelmatig terugkomt in verkiezingsdebatten: veel jongeren in Nederland hebben moeite om een huis te kopen. Er zijn te weinig woningen, en wie er dan toch een vindt, moet vaak een flink bedrag neerleggen om meer te kunnen bieden dan de vraagprijs.

Partijen hebben verschillende ideeën om het tekort aan woningen aan te pakken: van een Nationaal Woonplan tot een nieuw ministerie van Wonen. Het roept de vraag op: is Nederland het enige land waar starters het zo lastig hebben? En hoe is het voor jongeren op de woningmarkt in onze buurlanden?

Samenwonen zoals in Friends

Als het gaat om de mogelijkheid om een huis te kopen, deed Nederland het in Europees perspectief tot voor kort best goed, zegt Peter Boelhouwer. Als hoogleraar woningmarkt aan de TU Delft en voorzitter van het European Network for Housing Research houdt hij contact met collega-onderzoekers in andere Europese landen.

Het woningtekort dat de laatste jaren de kop opsteekt, raakt zo'n beetje iedereen in Nederland, legt Boelhouwer uit. "In andere landen hebben ze er alleen regionaal mee te maken, maar bij ons zijn er bijna overal te weinig huizen. Wie niet kan kopen, kan moeilijk uitwijken naar de huursector. Omdat het ook daar te krap is."

Dat is juist wat in een aantal buurlanden wel gebeurt: omdat het te duur is om te kopen, zijn jonge mensen vooral in grote steden geneigd om lang te huren. "Bijvoorbeeld in het Verenigd Koninkrijk is de huursector de afgelopen jaren verdubbeld", ziet Boelhouwer. "Taferelen zoals in die serie Friends, waar volwassenen bij elkaar in huis wonen, zijn in Londen heel normaal. Artsen en advocaten wonen daar heel vaak samen met anderen."

'Een huis is niet je pensioen'

Die grote huurmarkt is er ook in Duitsland, ziet correspondent Wouter Zwart. "Dit is van de ontwikkelde landen bij uitstek het land waar weinig wordt gekocht. De verhouding huren-kopen is hier ongeveer 50-50."

Dat jongeren in Duitsland gemiddeld pas op hun vijfendertigste een eerste huis kopen, heeft deels te maken met een woningtekort in de steden, en deels met strenge regels van banken, legt Zwart uit. "Waar je als koper in Nederland het volledige aankoopbedrag van een huis kan lenen, is dat in Duitsland maar zeventig procent. Dertig procent van het bedrag moet je dus zelf inleggen. In regio's waar er al weinig huizen zijn, wordt het voor jongeren zo ontzettend moeilijk om ertussen te komen."

Er is hier een mop: Jezus was eigenlijk een Spanjaard. Hij was 33 en woonde nog bij zijn moeder.

Correspondent Rop Zoutberg over de woningmarkt in Spanje

Toch is er volgens Zwart in Duitsland minder ophef over de woningmarkt dan in Nederland. "In september zijn er ook hier verkiezingen, maar de woningmarkt staat zeker niet in de top-5 van belangrijkste campagnethema's." Dat heeft volgens hem vooral te maken met het relatief stevige sociale vangnet in Duitsland: "het hebben van een woning is hier niet per se je pensioen."

Onbereikbaar ideaal

Waar het in Duitsland en het VK juist duurder wordt om een huis te kopen, werd dat in veel Zuid-Europese landen de afgelopen jaren juist goedkoper. "De prijsdaling zette al in voor de pandemie, maar werd wel versneld door het grote aantal onverhuurbare toeristenwoningen in de grote steden", vertelt Spanjecorrespondent Rop Zoutberg.

Maakt dat het voor jongeren ook makkelijker om zelf te kopen? "Zeker niet", vertelt Zoutberg. "Er is hier een mop: Jezus was eigenlijk een Spanjaard. Hij was 33 en woonde nog bij zijn moeder."

Want ook al dalen de huizenprijzen in Spanje, lenen is voor jongeren vaak onhaalbaar. "Een modaal salaris hier is 1640 euro, maar dat bedrag zullen jongeren zelden halen. Bovendien is de werkloosheid onder die groep nu 40,7 procent. Een eigen woning is voor de meeste jongeren een onbereikbaar ideaal."

"Zo erg is het bij ons nog niet", zegt woningmarkt-expert Boelhouwer. Maar wat hij ziet gebeuren, stemt hem somber. "De woningtekorten zijn fors opgelopen, het aantal bouwvergunningen zakt weg. Als daar niks aan wordt gedaan, kan het in de toekomst nog moeilijker worden om een huis te kopen, en komen starters er helemaal niet meer tussen. Daar moeten we erg voor oppassen."

STER reclame