ANP

Hulphonden die mensen met een beperking helpen bij activiteiten in het dagelijks leven, worden vaak geweigerd op publieke plekken als winkels en ziekenhuizen. Volgens een VN-verdrag en de Nederlandse wetgeving zijn assistentdieren welkom, maar in een onderzoek van de Universiteit Utrecht geven ruim vier op de vijf baasjes aan het dier geregeld buiten te moeten laten.

De vaakst genoemde reden is de hygiëne. Veel weigeraars denken dat die in gevaar komt bij het toelaten van dieren. Maar dat klopt niet, zeggen de onderzoekers. Ze namen monsters van 25 assistentiehonden en de schoenzolen van hun gebruikers.

"De poten van hulphonden blijken schoner dan de schoenzolen van hun gebruikers", zegt Jasmijn Vos, een van de onderzoekers. "Het hygiëne-argument op basis waarvan assistentiehonden vaak worden geweigerd in publieke locaties is daarmee weerlegd."

Iris heeft epilepsie en belandde na een ernstige aanval in het ziekenhuis. Haar hulphond Sandy mocht wel mee:

Universiteit Utrecht

Volgens de onderzoekers weten veel weigeraars te weinig over een hulphond. Ze weten vaak niet wat een assistenthond is, hoe ze die kunnen herkennen en wat er wel en niet mag volgens de wet. "Maar assistentiehonden zijn in de regel goed opgevoed en zijn geen gevaar voor de hygiëne, in ieder geval niet meer dan mensen."

PTSS en epilepsie

Zo'n 2200 mensen in Nederland maken gebruik van een hulphond. Het bekendst zijn ADL-hulphonden, die mensen met een lichamelijke beperking helpen met activiteiten in het dagelijks leven.

Minder bekend is de epilepsie-hulphond, die al vroeg signaleert wanneer iemand een aanval krijgt, het baasje vervolgens waarschuwt en getraind is om hulp in te schakelen.

Voor getraumatiseerde veteranen, agenten en zorgverleners bieden PTSS-hulphonden uitkomst, door het herkennen en temperen van posttraumatische stress en het wekken van het baasje bij bijvoorbeeld terugkerende nachtmerries.

STER reclame