Collectie Brienne, Beeld en Geluid Den Haag

Een internationaal team van wetenschappers is erin geslaagd een ongeopende brief uit de zeventiende eeuw te lezen met behulp van scantechnologie. De brief werd gevonden in een koffer van een Haagse postmeester uit die tijd; hij kwam nooit bij de ontvanger aan.

Het onderzoek wordt vandaag gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Nature Communications. Wetenschappers van de universiteiten van Groningen en Leiden leidden het onderzoek. Ze kregen daarbij hulp van collega's van onder meer Oxford en Yale.

De onderzoekers zijn dolblij met de bevindingen. Een van hen is Rebekah Ahrendt van de Universiteit van Utrecht, die het poststuk jaren geleden op het spoor kwam. "Toen we vijf jaar geleden begonnen, hadden we geen idee of het zou lukken." De vondst bleek een uitgelezen kans om met speciale technieken te kijken of de brief ongeopend gelezen zou kunnen worden.

Ahrendt: "Ik wilde de brief graag lezen, maar zonder deze kapot te maken." De post handmatig openen zou de brief - een waardevol historisch item - waarschijnlijk beschadigen. Zodoende werd een technologische 'operatie' op touw gezet.

Uit scans bleek dat de brief op 31 juli 1697 is verstuurd door Jacques Sennacques aan zijn neef Pierre Le Pers, een Franse koopman in Den Haag. Sennacques vroeg zijn neef om een gewaarmerkt afschrift van een overlijdensbericht van ene Daniel Le Pers. Ook informeerde hij naar de gezondheid van Pierre.

De koffer van de Haagse postmeester Collectie Brienne, Beeld en Geluid Den Haag

Het poststuk was niet de enige in z'n soort. De brief zat in een koffer met nog zo'n 3000 andere niet-bezorgde stukken. Een stuk of 600 waren niet opengemaakt. Ze werden tussen 1689 en 1706 verstuurd en hadden als bestemming Den Haag, maar bereikten hun ontvanger niet. Bijvoorbeeld omdat die was overleden, verhuisd of niet kon betalen voor ontvangst.

De brieven werden geschreven in allerlei talen, van Nederlands en Engels tot Frans, Latijn en Spaans. Ze waren afkomstig van mensen uit alle lagen van de bevolking; van kooplieden, artsen en spionnen tot migranten en muzikanten. Ahrendt: "De collectie is belangrijk omdat deze ons wat vertelt over het dagelijks leven van gewone mensen in die tijd. Het waren geen brieven van de elite."

De brieven zaten niet 'verpakt' in een envelop; die uitvinding volgde pas in de negentiende eeuw. "Het papier was in die tijd zijn eigen envelop. Mensen bedachten allerlei manieren om het papier te vouwen", zegt Ahrendt.

Dat had alles te maken met de inhoud: als de brief gevoelige informatie bevatte, probeerden afzenders de post goed te verzegelen zodat deze niet stiekem kon worden gelezen. Om de post op te vouwen en te verzegelen, bestonden dus talloze manieren: letterlocking genoemd. Het vouwen was even persoonlijk als een handtekening van de afzender.

Het digitaal 'uitvouwen' van de brief van Sennacques Unlocking History Research Group archive

Om de stukken intact te laten, werd een selectie van ongeveer twintig ongeopende brieven door de Queen Mary University in Londen ingescand met behulp van röntgen-microtomografie, een geavanceerde scantechnologie. De methode wordt doorgaans gebruikt om bijvoorbeeld botten en tanden te analyseren.

Met behulp van de scans konden de stukken digitaal worden ingezien. Dat kwam door de ijzerdeeltjes in de inkt, die de scanapparaten kunnen oppikken. Duizenden scans maakten zo de pixels (de letters) op het papier zichtbaar. Die scans leverden uiteindelijk 3D-beelden van de brieven op.

Niet alle post bleek even geschikt voor de scanapparatuur en leverde duidelijke scans op. Uiteindelijk werd één brief verder geanalyseerd door de onderzoekers. Het poststuk geschreven in oud-Frans werd geselecteerd door Ahrendt en haar collega David van der Linden van de Radboud Universiteit in Nijmegen, die de taal beiden machtig zijn. De ene overgebleven brief werd vervolgens op de computer geopend door een computergestuurd algoritme.

Het algoritme analyseerde de scans en de manier waarop het papier gevouwen was. Vervolgens kon het papier digitaal worden 'ontvouwd'. Dat leverde de onderzoekers een duidelijk 2D-beeld van de post op. Het team had vier jaar nodig om het algoritme te ontwikkelen.

'Het leek op een verkeerd gelegde puzzel'

"Het algoritme plakte de gelezen pixels aan elkaar als een leesbaar A4'tje", legt Van der Linden uit. "Maar het A4'tje leek op een verkeerd gelegde puzzel", voegt hij toe. "Alle tekst stond door elkaar." Ahrendt en Van der Linden zetten uiteindelijk de tekst in de logische volgorde.

Wetenschappers uit allerlei vakgebieden werkten mee aan het project, zoals conservatoren en computerwetenschappers. De samenwerking is volgens de betrokken wetenschappers uniek, maar dat geldt ook voor de resultaten. "Dit was nog nooit eerder gelukt", zegt Van der Linden. "We hopen het algoritme in de toekomst zo te kunnen aanpassen, dat we hiermee ook andere brieven digitaal kunnen ontvouwen."

STER reclame