NOS/Beeld Werkt
Klimaat

Het nieuwe kabinet moet rekening houden met een verdubbeling van de klimaateisen voor huizen en andere gebouwen, auto's, bedrijven en de landbouw. Dat is volgens een studiegroep van ambtenaren het gevolg van de aangescherpte Europese doelen voor CO2-reductie.

Het rapport is zojuist naar de Tweede Kamer gestuurd en moet dienen als basis voor de besprekingen over klimaat en energie tijdens de kabinetsformatie.

In 2030 moet de hoeveelheid CO2 die Europa uitstoot met 55 procent zijn teruggebracht ten opzichte van 1990. In het Nederlandse klimaatakkoord is rekening gehouden met een CO2-reductie van 49 procent. De Europese aanscherping is mede op verzoek van Nederland gedaan.

Het huidige kabinet heeft een ambtelijke studiegroep onder leiding van Laura van Geest, voorzitter van de Autoriteit Financiële Markten, gevraagd wat dit voor Nederland betekent. Heel precies kan dat nog niet vastgesteld worden, het is wel duidelijk dat er veel meer moet gebeuren.

Zo verlangt Brussel dat huizen en andere gebouwen nog energiezuiniger worden, dat meer auto's op elektriciteit gaan rijden en dat de landbouw minder mest afscheidt. De studiegroep veronderstelt dat deze zogenoemde ESR-sectoren in Nederland volgens de nieuwe eisen een extra CO2-reductie moeten realiseren van 9 procentpunt, oftewel 11 megaton.

"Dit is fors en betekent bijna een verdubbeling van de ambitie uit het klimaatakkoord voor deze ESR-sectoren", staat in het rapport. Bovendien dreigen de al bestaande plannen minder op te leveren dan gepland, waardoor de opgave nog groter wordt.

De ambtelijke studiegroep schrijft een toekomstig kabinet niet precies voor wat er moet gebeuren, maar ziet wel een aantal maatregelen die voor de hand liggen. Het gaat dan om aanvullende subsidies voor de isolatie van huizen en gebouwen, het verlengen van de periode waarin de overheid de aanschaf van elektrische auto's subsidieert en het op termijn verkleinen van de veestapel. Ook het verschuiven van de belasting op het bezit van auto's naar het gebruik ervan -rekeningrijden- is zo'n maatregel.

Wie betaalt het klimaatbeleid?

De studiegroep heeft niet onderzocht wat het aanvullende klimaatbeleid betekent voor de portemonnee van de burger. Op dit moment financiert de Nederlandse overheid het energie- en klimaatbeleid grotendeels via de energiebelasting.

"Dat zet het draagvlak onder druk", schrijft de hoogste ambtenaar van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, Lidewijde Ongering, deze week in het economenblad ESB. "Het nadeel is dat extra inspanningen voor verduurzaming automatisch tot uiting komen in een hogere energierekening." Om het draagvlak te vergroten pleit ze er daarom voor om het klimaatbeleid deels uit de algemene middelen te betalen en de overheidsschuld op te laten lopen.

ANP

De Europese Commissie wil de ETS-belasting voor bedrijven die veel CO2 uitstoten verhogen en uitbreiden. Nederland loopt vooruit op deze verhoging met een eigen CO2-belasting voor de zware industrie, die deze maand is ingegaan.

De maatregelen voor de industrie zijn nu deels gericht op een relatief snelle reductie in 2030, bijvoorbeeld via de opslag van CO2. De studiegroep-Van Geest oppert dat een nieuw kabinet de aandacht meer kan verleggen naar veelbelovende technische vernieuwingen op weg naar nul emissie in 2050. Het gaat dan onder meer om elektrificatie van productieprocessen en de ontwikkeling van waterstofprojecten.

Vragenlijst voor kabinetsformatie

Politiek hete hangijzers als het gebruik van biomassa en kernenergie worden wel genoemd, maar krijgen geen waardeoordeel van de ambtelijke studiegroep. De studiegroep heeft in het rapport Bestemming Parijs een 'afvinklijst' opgenomen met vragen die partijen zouden moeten beantwoorden tijdens de kabinetsformatie. Behalve over zaken als kernenergie, biomassa, CO2-opslag, rekeningrijden, de landelijke CO2-heffing en de toekomst van de land- en tuinbouw gaan die ook over de manier waarop de maatregelen betaald moeten worden en de betrokkenheid van de bevolking bij de besluitvorming.

STER reclame