ANP
NOS Nieuws

Nederlanders tijdens harde lockdown meer naar buiten dan in maart

Van de 'intelligente' lockdown in maart, naar de gedeeltelijke lockdown daarna, naar de harde lockdown die vorige week maandag door premier Rutte werd aangekondigd. Als je sec naar de maatregelen kijkt, is het huidige pakket het heftigst.

Toch werken de maatregelen maar beperkt als het gaat om het terugdringen van de mobiliteit van Nederlanders, blijkt uit data van Google en het Nederlands Verplaatsingspanel. En het terugdringen van mobiliteit en daarmee contact tussen mensen is wat het kabinet vooral beoogde.

"Het is toch een andere periode dan in maart", zegt Peter van der Mede van onderzoeksbureau DAT.Mobilty. "Mensen wilden nog even dingen inkopen vlak voor de Kerst, werk afmaken voor de vakantie begint of de laatste administratie doen. En er is gewoon meer te doen op straat dan in maart. De samenleving is er ook beter op ingespeeld, bijvoorbeeld met horecazaken waar je buiten koffie kan halen."

Het aantal mensen dat een hele dag thuisblijft, is sinds het afkondigen van de harde lockdown amper gestegen. Eind vorige week bleef gemiddeld 28 procent van de Nederlanders thuis, gemeten over de zeven voorgaande dagen, begin december was dat 26 procent. Ter vergelijking: tijdens de lockdown die inging in maart bleef op het hoogtepunt gemiddeld 39 procent van de mensen thuis.

NOS

Het was afgelopen week wel weer iets rustiger op straat. De tijd die mensen reizend doorbrachten, daalt sinds vorige week woensdag, toen ook de scholen dicht bleven. Het gemiddelde aantal minuten dat mensen per dag in hun auto zaten daalde van ruim 30 minuten op 14 december naar minder dan 27 minuten op 18 december.

De hoeveelheid verplaatsingen te voet loopt wel weer op. Dat komt vooral omdat we weer een rondje om gaan. "In de eerste lockdown zagen we voor het eerst dat mensen zonder specifieke bestemming naar buiten gingen", zegt Van der Mede. "Nu zie je dat hele gezinnen naar buiten gaan, kijken naar de kerstversiering in de stad bijvoorbeeld."

NOS

Uit de wekelijkse gegevens van het RIVM blijkt dat kantoorbezoeken flink bijdragen aan het verspreiden van het virus. Van de besmettingen waarvan een bron kon worden achterhaald, vond 14,5 procent plaats op kantoor. Vandaar dat het kabinet sterk aandringt op thuiswerken.

Het is beperkter dan in maart, maar ook het thuiswerken neemt weer toe. Dat is allereerst te zien in data van het autogebruik, zegt Peter van der Mede. Op 14 en 15 december zie je nog duidelijke pieken tijdens de ochtend- en avondspits. Op 16, 17 en 18 december vlakken die af.

Van der Mede: "Mensen zitten niet veel minder in de auto, maar wel op andere momenten. Dus waarschijnlijk doen ze andere dingen dan naar hun werk gaan."

NOS

Uit data van Google blijkt ook dat werkplekken minder bezocht worden. Eind november, begin december gingen er gemiddeld zo'n 13 a 14 procent minder Nederlanders naar hun werkplek toe. Afgelopen vrijdag was het gedaald tot 21 procent minder dan normaal, gemeten over de zeven voorgaande dagen. Dat valt in het niet bij de effecten van de intelligente lockdown, toen op het hoogtepunt gemiddeld 49 procent van de mensen niet naar kantoor ging.

Ook het aantal bezoeken aan winkels neemt nu logischerwijs af. In de data is duidelijk een piek te zien die de aankondiging van de harde lockdown op maandag 14 december veroorzaakte. Daarna is een sterke daling te zien. Het effect ervan is wel bijna twee keer kleiner dan in maart.

NOS

In epidemiologisch opzicht is komende week erg belangrijk. In Amerika was het aantal nieuwe besmettingen per dag twee weken na Thanksgiving zo'n 20 procent gestegen. Zo'n effect is hier ook mogelijk als mensen zich niet aan de oproep houden om Kerst met niet meer dan drie gasten te vieren en de jaarwisseling met niet meer dan twee. En dan zou naast het aantal besmettingen ook de lengte van de lockdown nog flink kunnen stijgen.

Deel artikel:

Advertentie via Ster.nl