NOS

Sneltesten kunnen een welkome bijdrage leveren aan het verminderen van de druk op de testcapaciteit in Nederland. Die verwachting sprak Jaap van Dissel van het RIVM vanmiddag uit in een briefing voor de commissie Volksgezondheid van de Tweede Kamer.

"Het ziet er mooi uit met die sneltesten", zei Van Dissel. "De hoop is dat we daardoor minder PCR-testen zullen hoeven uit te voeren." Maar voor de sneltesten op grote schaal ingezet kunnen worden zijn er nog paar belangrijke vragen die beantwoord moeten worden. "Hoe presteert de sneltest bij mensen die nog geen klachten hebben?" Er loopt al onderzoek om die vraag te beantwoorden.

Verder geeft de test een percentage fout-negatieve uitslagen, mensen krijgen dan te horen dat ze niet besmet zijn, terwijl dat in werkelijkheid wel het geval is. "Dat kan gevolgen hebben voor de verspreiding van het virus. Hoe moet je daarmee omgaan? Zijn dan herhaaltesten nodig?" Ook dat wordt intussen onderzocht.

Geen wondermiddel

"Verder moeten we op korte termijn uitzoeken hoe we de sneltesten het beste kunnen gebruiken. Eigenlijk zou je de sneltest willen gebruiken als iemand een notificatie krijgt van de corona-app. Maar hoe gevoelig is de sneltest bij iemand die geen klachten heeft?" Van Dissel benadrukte ook nog dat de sneltest geen wondermiddel is dat alle problemen gaat oplossen.

De sneltesten hebben duidelijke voordelen ten opzichte van de PCR-testen die nu gebruikt worden. De test werkt als een soort zwangerschapstest. Het kost een kwartier om een uitslag te krijgen.

De uitvoering is simpel. Er wordt net als bij een PCR-test een swab afgenomen om wat mond- en neusvocht te verzamelen. Dat wordt in een vloeistof gedoopt, vervolgens wordt een beetje vloeistof op een speciaal papiertje gedruppeld. Vijftien minuten later is de testuitslag zichtbaar.

Meer werk

Er zijn ook nadelen. De test is veel arbeidsintensiever dan de PCR-test. Medewerkers in de teststraat kunnen maximaal 60 sneltesten per dag uitvoeren en tot 600 PCR-testen. Dat heeft ermee te maken dat bij de PCR-testen in de teststraat alleen een monster wordt afgenomen en wat administratie wordt gedaan, terwijl de eigenlijke PCR-testen in laboratoria elders plaatsvinden.

De sneltesten worden in hun geheel in de teststraten uitgevoerd. Gebrek aan personeel kan daarom een knelpunt worden, zoals bij de PCR-testen gebrek aan laboratoriumcapaciteit een knelpunt was. Verder levert de sneltest dus een percentage fout-negatieve uitslagen op en is het nog niet duidelijk of de test te gebruiken is voor personen zonder klachten.

Die fout negatieve uitslagen hangen deels samen met de veel grotere gevoeligheid van de PCR-test. Als iemand nog maar weinig virus in zijn of haar lichaam heeft, neemt de kans dat de sneltest niet voldoet toe. Mensen die met de PCR-test zwak positief getest worden worden deels gemist door de sneltesten.

In de praktijk lijkt dat minder erg omdat het volgens wetenschappers onwaarschijnlijk is dat zwak positief geteste mensen besmettelijk zijn. Er is onder wetenschappers debat gaande bij welke hoeveelheid virus die wordt aangetoond iemand nog positief genoemd moet worden.

STER reclame