Minister Hoekstra verwachtte in maart 45 tot 65 miljard euro te lenen NOS

Sinds maart staan de geldsluizen open bij de Rijksoverheid. Inmiddels is Nederland bijna toe aan het derde grote steunpakket voor ondernemers. Voor de staatskas heeft het ministerie van Financiën dit jaar al 108 miljard euro geleend, het gros daarvan vanwege corona. Voor de coronacrisis was het ministerie van plan om dit jaar 'slechts' 42 miljard euro te lenen.

De extra miljarden hadden de verschillende ministeries onder meer nodig om de bijna zestig verschillende noodmaatregelen te betalen. Uit een overzicht van het ministerie van Financiën blijkt dat er voor de maatregelen tot nu toe al ruim 37 miljard euro gereserveerd is.

Het overgrote deel daarvan ging naar ondernemers in de vorm van loonsteun voor hun personeel (NOW). Samen met steun voor zzp'ers (Tozo) en een tegemoetkoming voor de vaste lasten (TOGS en TVL) vormden die de eerste twee grote steunpakketten.

Meeste miljarden gingen naar loonsteun

Steun waarvoor meeste geld is uitgetrokken bedrag in miljarden euro's
Loonsteun (NOW en NOW 2.0) 18,8
Zzp-steun (Tozo en Tozo 2.0) 4
Bonus zorgpersoneel 1,4
Tegemoetkoming vaste lasten mkb (TOGS en TVL) 1,4
Beschikbaarheidsgarantie OV 1,3

Naast de noodmaatregelen kosten ook de belastingmaatregelen geld. Zo wordt er voor mondkapjes geen btw meer gerekend en mogen ondernemers voor hun belastingopgave hun verwachte verlies van dit jaar verrekenen met hun winst van vorig jaar.

Daarnaast zijn de belastinginkomsten dit jaar naar verwachting zo'n 25 miljard euro lager. De kosten voor de WW en bijstand waarschijnlijk juist 1,5 miljard euro hoger dan aanvankelijk begroot. Alles bij elkaar trok de Rijksoverheid 66 miljard euro uit.

Versoberd

De bedragen in het overzicht van de Rijksoverheid zijn gereserveerde bedragen. In werkelijkheid vallen sommige kosten tot nu toe lager uit. Voor het eerste NOW-pakket werd bijvoorbeeld ruim 9 miljard opzij gezet. Uiteindelijk keerde het UWV bijna 8 miljard uit aan ongeveer 140.000 ondernemers.

Voor het tweede NOW-pakket meldden zich tot nu ruim 40.000 bedrijven, veel minder dan in de eerste periode. De kosten liggen voorlopig op 1,5 miljard euro, meldde het UWV deze week. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid had ruim 12 miljard euro apart gezet voor deze tweede loonsubsidieronde.

Hoeveel het kabinet voor het nieuwe steunpakket apart zet is nog onduidelijk. Wel duidt vrijwel alles erop dat met name de duurste regeling van allemaal - de NOW - in de derde periode versoberd wordt. Zo zouden minder bedrijven in aanmerking kunnen komen voor steun, of zouden ze per werknemer minder geld vergoed krijgen. Over beide zaken wordt nog onderhandeld.

Hoe betaalt Nederland dit?

Welke vorm het pakket ook precies krijgt, het zal naar verwachting opnieuw miljarden euro's van de staatskas naar de bankrekeningen van ondernemers verplaatsen. Dat geld heeft de overheid niet zo maar op de plank liggen.

"Vanaf maart nam de behoefte aan geld enorm toe", zegt een woordvoerder van het ministerie van Financiën. Nederland zet bijna wekelijks leningen uit op de financiële markten om genoeg geld in kas te hebben voor alle coronasteun.

In maart zei minister Wopke Hoekstra (Financiën) dat hij 45 tot 65 miljard euro moest bijlenen om de economische gevolgen van de coronamaatregelen te verzachten.

'Al 108 miljard euro opgehaald'

Inmiddels zijn de geleende bedragen al flink hoger. In juni schatte het ministerie de 'financieringsbehoefte' voor dit jaar op 138,8 miljard euro. In december was die behoefte nog 42 miljard euro. De overige ruim 90 miljard euro heeft het ministerie nodig om de coronacrisis te lijf te gaan.

"Dit jaar heeft het ministerie al 108 miljard euro opgehaald", zegt de woordvoerder. "Maar er is ook al 13 miljard terugbetaald." Dat houdt in dat Nederland nog zo'n 44 miljard euro kan lenen tot het bij de grens is die in juni werd geschat. Of dat daadwerkelijk nodig is, moet nog blijken en is onder meer afhankelijk van hoeveel ondernemers gebruik willen maken van de steunpakketten.

Nederland heeft de afgelopen jaren de staatsschuld teruggedrongen tot zo'n 400 miljard euro eind 2019. Dat was op dat moment minder dan 50 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Dat betekent dat Nederland wel wat ruimte had om te lenen.

Met de andere eurolanden is afgesproken dat dit percentage maximaal 60 procent mag zijn. Of Nederland daaronder blijft nu de leendrift flink heeft toegeslagen, moet nog blijken. Op Prinsjesdag wordt meer duidelijk over de huidige verhouding tussen de staatsschuld en het bbp.

STER reclame