Een binnenoor van een uitgestorven vinvis Omroep Zeeland

Bij de aanleg van de Nieuwe Sluis bij Terneuzen zijn botten gevonden van een aantal prehistorische dieren. Het gaat onder meer om de resten van een mammoet, botten van een wolharige neushoorn en een zeven miljoen jaar oud binnenoor van een uitgestorven walvissoort.

De Nieuwe Sluis bij Terneuzen wordt gebouwd om grotere zeeschepen van de Westerschelde naar de haven van Gent te kunnen laten varen. Daarbij stuitte men eind juni op een groot aantal botten. Onderzoek heeft nu aangetoond wat het voor botten zijn.

Hyena

"We hebben delen van het bekken van een mammoet teruggevonden", zegt conservator Hester Loeff van het Koninklijk Zeeuws genootschap der Wetenschappen tegen Omroep Zeeland. "Daaraan is te zien dat het dier na zijn dood is 'aangeknaagd' door een hyena. Je ziet een gebitsafdruk in het bot, dat is best gaaf."

Ook zijn een kies van een jongere mammoet gevonden en twee slagtanden. De fossielen zijn ongeveer 30.000 jaar oud.

Vinvis

De andere botten bestaan voornamelijk uit wervels van uitgestorven walvissoorten. Het gaat om dieren die meer dan zeven miljoen jaar geleden leefden op de plek van het sluizencomplex in Terneuzen.

Mark Bosselaers van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen is met name enthousiast over het gevonden oor. "Een binnenoor van een uitgestorven vinvis, die zie je niet veel. Net als mensen hadden deze zoogdieren allerlei onderdelen in het oor zitten. Bij ons is het voornamelijk kraakbeen, bij deze vinvis is het bot."

STER reclame