ANP

Geert Wilders had vandaag nogmaals het laatste woord tijdens de afronding van zijn strafzaak in hoger beroep omtrent zijn 'minder Marokkanen'-uitspraak. Dat deed hij voor een tweede keer omdat er nieuwe bewijsstukken zijn toegevoegd aan het dossier. In het slotwoord verwees de politicus ook naar recente rellen in Den Haag en Utrecht.

De rechtbank veroordeelde Wilders in 2016 voor groepsbelediging en het aanzetten tot discriminatie, maar legde geen straf op. Zowel het OM als de politicus ging in beroep. Wilders vindt dat hij ten onrechte wordt vervolgd. Het Openbaar Ministerie zou daarom volgens hem niet-ontvankelijk verklaard moeten worden.

Nieuwe bewijsstukken

Na het vorige slotwoord van Wilders begin juli, zijn er door de verdediging nieuwe stukken toegevoegd aan het dossier. Dit gebeurde met goedkeuring van het OM. Het gaat om een brief aan het AD van een politiefunctionaris en een artikel erover in de krant. Ook de reactie van het OM is toegevoegd.

In zijn slotwoord citeerde Wilders de politiefunctionaris:

Volgens Wilders ondersteunen de stukken het verweer van de verdediging dat er is aangemoedigd om aangifte te doen. "Met soms de burgemeester voorop." Ook zegt Wilders dat de politie met voorgedrukte aangifteformulieren naar de moskee is gegaan. Volgens Wilders was er ook sprake van politieke beïnvloeding. Hij is ervan overtuigd dat toenmalig minister van Justitie Opstelten een stevige vinger in de pap heeft gehad om hem te vervolgen. Het OM heeft dat steeds met klem tegengesproken.

De PVV-leider staat terecht voor uitspraken die hij in maart 2014 deed. Op een verkiezingsbijeenkomst stelde de politicus zijn publiek drie vragen: of ze meer of minder Europese Unie, Partij van de Arbeid en ten slotte Marokkanen wilden. Het publiek scandeerde steeds harder "Minder! Minder!" als antwoord. Wilders zei vervolgens: "Dan gaan we dat regelen." Daarmee zette de PVV'er volgens het OM aan tot haat.

Reljongeren

Wat Wilders betreft wordt het OM dus niet-ontvankelijk verklaard. Maar als er toch een oordeel komt, dan kan dat volgens de PVV'er niets anders zijn dan vrijspraak. "Kijkt u naar wat er de afgelopen weken in steden en wijken is gebeurd. Van Utrecht, Kanaleneiland, tot Den Haag, Schilderswijk. Maar ook in zoveel andere plaatsen en wijken van Nederland. Onze straten stonden soms letterlijk in brand. Buurten zijn onveilig gemaakt. De politie bekogeld."

'Onze straten stonden soms letterlijk in brand'

Wilders zei wel dat het "natuurlijk niet" uitsluitend Marokkanen waren die dat doen. "Maar het was wel de meerderheid. Zelfs de Marokkanen zelf zeggen nu op de televisie dat er in Nederland sprake is van een Marokkanen-probleem. En dat is precies het probleem dat ik heb bedoeld", zegt Wilders, die ook wijst op stukken waaruit dat zou blijken.

"Marokkanen zijn in vrijwel alle verkeerde statistieken als criminaliteit, uitkeringsafhankelijkheid en terreur oververtegenwoordigd. Dat is geen mening maar een feit", aldus Wilders.

"En nogmaals, ik zeg opnieuw niet - en dat heb ik ook nooit gezegd - dat alle Marokkanen niet deugen of crimineel zijn. Dat zou aperte onzin zijn. Ik heb niet iets tegen alle Marokkanen. Maar ik benoem wel al jarenlang dit maatschappelijke probleem. Dat is ook mijn taak als politicus en ik draag daar democratische oplossingen voor aan."

Het hof doet op 4 september uitspraak in het 'minder-Marokkanen-proces'.

STER reclame