Maarten Biesheuvel in 2018 HH/Patricia Nauta

"Schrijven is een gave van God en krankzinnigheid al helemaal. Je moet een paar jaar in het gekkenhuis hebben gezeten en eruit weten te komen", vatte schrijver Maarten Biesheuvel het auteursbestaan samen op het Boekenbal van 2015. Hij overleed vandaag op 81-jarige leeftijd.

De schrijver kampte met depressies en psychoses en 'levensangst' als gevolg van een bipolaire stoornis, en bracht een aanzienlijk deel van zijn leven door in psychiatrische inrichtingen.

Biesheuvel werd wel de 'koning van het korte verhaal' genoemd. In 1972 debuteerde hij met de verhalenbundel In de bovenkooi. Tientallen bundels volgden. Soms met autobiografische verhalen, soms surrealistisch, maar altijd geestig. Terugkerende thema's in zijn werk waren: zijn gereformeerde jeugd, de rol van zijn vrouw Eva in zijn leven en psychiatrische inrichtingen.

In 2007 kreeg hij voor zijn hele oeuvre de P.C. Hooft-prijs. Zijn verhalen "die het autobiografische en het fantastische op een zo wonderbaarlijke manier met elkaar vermengen", hebben een unieke bijdrage geleverd aan de Nederlandse literatuur, stond in het juryrapport te lezen.

Maarten Biesheuvel werd geboren in Schiedam en groeide op in een gereformeerd milieu. Hij ging naar het Groen van Prinsterlyceum in Vlaardingen, maar werd daar in 1956 vanaf gestuurd vanwege zijn eigenzinnige gedrag. Daarna werkte hij in de haven en monsterde aan als ketelbink op schepen terwijl hij intussen het avondgymnasium volgde. Uiteindelijk slaagde hij in 1959 voor zijn eindexamen.

Eerste psychische crisis

Na het vervullen van zijn dienstplicht ging hij rechten studeren in Leiden. Daar sloot hij vriendschap met Maarten 't Hart, met wie hij colleges bij de bekende slavist en letterkundige Karel van het Reve volgde. In die periode kreeg hij ook zijn eerste psychische crisis en zat hij een paar maanden in een inrichting in Oegstgeest.

Door het verlies van zijn geloof was Biesheuvel al zijn zekerheden in het leven kwijt geraakt, waardoor hij in een geestelijke crisis belandde die jaren aanhield.

In zijn studentenjaren was hij lid van de progressieve studentenvereniging Catena, liep mee in protestmarsen en schreef voor het Leids Universiteitsblad geëngageerde artikelen.

Biesheuvel (rechtsachter) met het bord Laat Boekovski vrij (1975) Nationaal Archief/Bert Verhoeff

In 1958 ontmoette hij Eva Gütlich, op wie hij op slag verliefd werd. Ook zij studeerde in Leiden en samen gingen ze wonen in het bekende Sunny Home, een opvallend houten huisje in de Kernstraat, niet ver van de Leidse binnenstad. Ze bleven er de rest van hun leven.

Zijn vrouw was alles voor Biesheuvel. Ze stond hem bij in zijn manisch-depressieve periodes en was zijn steun en toeverlaat. Zelf schreef hij ooit dat hij zonder Eva "een dakloze zou zijn, in een kartonnen doos voor het Centraal Station". Het paar trouwde in 1979 op Schiermonnikoog.

Eerste verhalenbundel

Sinds 1963 publiceerde hij al geregeld verhalen in Hollands Maandblad en in 1972 kwam zijn eerste verhalenbundel In de bovenkooi uit, waarmee hij onmiddellijk naam maakte.

In de bundel verwerkte Biesheuvel de ervaringen die hij opdeed toen hij als matroos op koopvaardijschepen voer en rekende hij af met zijn gereformeerde opvoeding en zijn verblijf in een psychiatrische inrichting in zijn studententijd. Hij kreeg voor de bundel de Alice van Nahuys-prijs.

Verzinnen kan ik niks meer en autobiografisch ben ik wel uitgepraat.

Maarten Biesheuvel in 2007

In de jaren 70 en 80 publiceerde Maarten Biesheuvel circa twintig bundels, waaronder Slechte mensen, De verpletterende werkelijkheid en andere verhalen, Brommer op zee, De Bruid en in 1988 het boekenweekgeschenk Een overtollig mens.

Maar zijn geestelijke gezondheid begon een steeds grotere tol te eisen. Vanaf de jaren 90 publiceerde hij nauwelijks meer nieuwe verhalen. De ziekte had zijn creativiteit aangetast. "Verzinnen kan ik niks meer en autobiografisch ben ik wel uitgepraat", zei hij daar in 2007 zelf over.

Biesheuvel kreeg verschillende prijzen, waaronder de F.Bordewijkprijs voor Een reis door mijn kamer, de Erepenning van de stad Leiden en in 2007 dus de P.C. Hooftprijs. Een jaar later werd hij benoemd tot Ridder in de orde van de Nederlandse Leeuw.

De bijzondere handdruk tussen Biesheuvel en 't Hart HH / Patricia Nauta

Maarten Biesheuvel bleef zijn hele leven lang aan depressies lijden en was altijd open over zijn geestelijke toestand. "Ik ben vier maanden depressief, dan volgt een goede maand. Zo gaat het al mijn hele leven."

Zijn ziekte kostte hem ook zijn vriendschap met studievriend en schrijver Maarten 't Hart. Die was "helemaal kapot", zei Biesheuvel in september 2018 in een interview met Volkskrant Magazine. Na een aanvaring tijdens een manische aanval was 'T Hart bang voor Biesheuvel geworden en zagen ze elkaar 15 jaar lang niet.

Nog steeds verliefd

'T Hart las het interview en besloot zijn oude vriend te laten weten dat de vriendschap wat hem betreft niet kapot was. Geheel onverwacht kwam hij een dag later naar de boekpresentatie van Biesheuvels laatste bundel Verhalen uit het gekkenhuis om hem de hand te schudden.

Vanwege die door Eva Biesheuvel samengestelde bundel, met daarin liefdesbrieven die haar man haar stuurde vanuit psychiatrische inrichtingen, waren de schrijver en zijn vrouw begin oktober 2018 te gast in De Wereld Draait Door. Daar vertelde Biesheuvel dat hij nog steeds verliefd was op zijn Eva.

Dit ontroerende blijk van liefde was hun laatste publieke optreden. Een maand later overleed Eva Biesheuvel aan de gevolgen van een hersenbloeding.

STER reclame