ANP

Het plan om de overdrachtsbelasting voor starters op de woningmarkt af te schaffen en tegelijkertijd voor beleggers te verhogen, is niet doelmatig en sorteert weinig effect. Dat is de conclusie van een onderzoek in opdracht van het ministerie van Financiën. Er worden door de maatregel maar weinig starters gestimuleerd om een huis te kopen en beleggers hebben allerlei mogelijkheden om de hogere heffing te ontlopen.

Het gaat om een plan van regeringspartijen CDA en ChristenUnie. Zij zien met lede ogen aan dat starters maar moeilijk hun slag kunnen slaan, mede omdat beleggers de huizen voor hun neus wegkapen. Een meerderheid in de Tweede Kamer riep het kabinet vorig jaar op om het effect na te na te gaan van een aanpassing in de belasting die betaald moet worden bij de aankoop van een huis.

Die is nu voor iedereen 2 procent van de aanschafprijs. Voor starters zou de heffing 0 moeten worden, en voor beleggers met meer dan twee woningen zou die fors verhoogd moeten worden.

Niet uitvoerbaar

De onderzoekers van Dialogic komen tot de conclusie dat zo'n regeling niet of nauwelijks uitvoerbaar is. Het is eigenlijk niet goed vast te stellen wie precies een starter is en wie een belegger. Die gegevens worden nergens bijgehouden. Ook als je andere definities gebruikt, blijft het moeilijk uitvoerbaar.

Ook blijkt dat de twee groepen elkaar niet zo erg beconcurreren als tot nu toe gedacht. Alleen in bepaalde gebieden en op bepaalde woningen zijn ze elkaars rivalen.

Waarschijnlijk zullen er maar enkele duizenden huizen per jaar extra verkocht worden aan starters, verwachten de onderzoekers. Daar komt bij dat beleggers vaak met allerlei constructies de hogere overdrachtsbelasting kunnen ontwijken. Zo kunnen ze simpelweg een hogere huur vragen aan de mensen die uiteindelijk in de woning gaan wonen.

Ook wegen de kosten niet op tegen de baten, schrijft Dialogic. De vrijstelling voor starters kost de schatkist ongeveer 340 miljoen euro per jaar, terwijl er hooguit 170 miljoen terugkomt uit de hogere heffing voor beleggers.

Na de zomer kabinetsbesluit

Uiteindelijk biedt zo'n onderscheid in de overdrachtsbelasting geen structurele oplossing, zolang er te weinig aanbod van betaalbare huizen is. De onderzoekers denken dat een regionale aanpak en het ontmoedigen van het omzetten van koopwoningen in huurwoningen meer soelaas bieden.

Het onderzoek is naar de Tweede Kamer gestuurd. Het kabinet vindt het nog te vroeg om het hele plan nu al naar de prullenbak te verwijzen. Volgens een woordvoerder wordt er nog gekeken naar andere mogelijkheden en valt er na de zomer pas een definitieve beslissing over de overdrachtsbelasting.

STER reclame