De groep leerlingen op de Wylde Swan Masterskip

Vlak voordat de coronacrisis wereldwijd uitbrak vertrokken 25 Nederlandse scholieren naar Sint-Maarten. De leerlingen, tussen 14 en 17 jaar, zouden daar aan boord van een schip een lesprogramma volgen over natuur en duurzaamheid. Zes weken lang zouden ze langs de Bovenwindse Eilanden, Jamaica en Cuba varen aan boord van het Friese zeilschip Wylde Swan.

Na 2,5 week varen werd het schip ingehaald door de coronamaatregelen. Het was inmiddels duidelijk dat de leerlingen niet meer terug zouden kunnen vliegen, vertelt Christophe Meijer van reisorganisatie Masterskip. Dus werd besloten: we varen terug naar Harlingen.

En hoewel er lange tijd niets anders was te zien dan water, vermaken de leerlingen zich goed:

'Je ziet alleen maar zee, verder niets'

De organisatie besloot op het eiland Saint Lucia genoeg diesel en voedsel in te slaan "zodat we wisten: we zijn klaar voor een oceaan-oversteek". Daarna werd de ouders om toestemming gevraagd en werden de leerlingen ingelicht dat ze met de boot terug zouden keren naar Nederland. Hoewel sommige leerlingen eerst erg schrokken, sloeg de sfeer snel om en had iedereen er zin in, vertelt Meijer.

"Ze noemden zich eerst the pirates of the Caribbean op deze reis en dat veranderde toen in Warriors of the Ocean. De knop is om en iedereen is supertrots dat ze dit aan het doen zijn."

Warme kleding

Behalve voedsel was er ook behoefte aan warme kleding voor onderweg. "Ze hadden gepakt voor een tropische reis, een dunne lange broek voor in het vliegtuig en verder vooral korte broeken en T-shirts. We zijn op Saint Lucia alle winkels afgegaan om zoveel mogelijk warme kleren voor ze te kopen, zoals joggingbroeken, fleecetruien, mutsen et cetera. Dat is schaars goed daar. Het grappige is dat ze daar een voorliefde hebben voor nepmerkkleding, dus iedereen loopt nu in hele gekke Gucci- en Dolce en Gabbana-kleding rond. Maar dat maakt allemaal niet meer uit. Op zee vallen alle maskers af."

Zelfstudie aan boord Masterskip

De leerlingen hoeven zich onderweg niet te vervelen, want op Saint Lucia werd ook extra lesmateriaal ingeslagen. Iedere ochtend wordt er drie uur schoolwerk gemaakt en de rest van de tijd is bedoeld voor 'avontuurlijk leren'. "Dan gebruiken we de wereld om ons heen als klaslokaal. We zien onderweg bijvoorbeeld walvissen, dolfijnen en ander zeeleven en er is veel ruimte voor de individuele ontwikkeling van de leerlingen."

Zoete geur van land

Na zo'n drie weken op de oceaan kwam het schip onlangs aan bij de Azoren. Daar volgde een grote teleurstelling, want vanwege de coronamaatregelen mocht niemand van boord.

"Je bent lang op zee, je neus zit vol met zout, al je smaakpapillen zijn op zout ingesteld", schetst Meijer de situatie na weken op zee. "Als je dan bij land in de buurt komt, dan ruik je die zoete geur van het land. Je ziet die groene hellingen van de vulkanen daar en 's nachts de flikkerende lichtjes van het stadje waar je vlakbij ligt, je hoort de geluiden van het land en dan mag je niet aan wal."

Er werd vers fruit door "een mannetje in een maanpak" op de kade gezet, "want uiteindelijk wil je toch graag na drie weken veel verse producten weer aan boord hebben". Na een teken vanaf de wal mocht dat worden ingeladen. Ook werd diesel ingeslagen en inmiddels is de Wylde Swan begonnen aan het laatste deel van de reis: van de Azoren naar Harlingen. Afhankelijk van de wind komt het schip naar verwachting tussen 20 en 24 april in Harlingen aan.

STER reclame