Schip met 250 ton aan hulpgoederen wacht op vertrek naar Venezuela Stephan Kogelman

De regering van Curaçao is in verlegenheid gebracht door de vernietiging van 250 ton Amerikaanse hulpgoederen die waren bestemd voor Venezuela. De hulpgoederen lagen opgeslagen in loodsen die waren gehuurd door de overheid, maar ze hebben hun bestemming nooit bereikt. President Maduro van Venezuela heeft de grenzen gesloten om te voorkomen dat hulpgoederen uit de VS zijn land binnen konden komen.

De beheerder van de loodsen heeft de goederen vorige week op de vuilnisbelt gedumpt omdat ze bedorven zouden zijn. De rekening heeft hij gestuurd naar Venex, een Venezolaanse organisatie op Curaçao die bemiddelde tussen de VS en Curaçao over de opslag van de goederen. Dat was nodig omdat Maduro niets wilde weten van hulpgoederen uit Amerika; het vrachtschip waarmee ze werden gebracht moest onder dreiging van geweld terugkeren naar Curaçao.

Opgegeten door ongedierte

Venex vroeg de Curaçaose regering in augustus om de hulpgoederen een nieuwe bestemming op Curaçao zelf te geven. Ook op het eiland is de nood hoog onder de uitgeweken Venezolanen, die er vaak illegaal verblijven. Maar er kwam geen reactie en de beheerder van de loodsen heeft dus zijn conclusies getrokken, toen de rekening niet betaald werd en het voedsel werd opgegeten door ongedierte.

Vorig voorjaar was er veel media-aandacht voor de rol van Curaçao in de internationale hulpverlening aan Venezuela. De Amerikaanse regering had via minister Blok van Buitenlandse Zaken gevraagd of Curaçao als knooppunt kon dienen voor Amerikaanse humanitaire hulp aan de Venezolaanse oppositieleider Guaidó. Die had zichzelf tot president uitgeroepen, maar het is hem niet gelukt om Maduro te verdrijven.

Imagoschade beperken

Curaçao faciliteerde uiteindelijk twee stromen met humanitaire hulpgoederen via zijn grondgebied: goederen van de Amerikaanse overheid via de hulpinstantie USAID en goederen die waren ingezameld door burgers in de VS en Puerto Rico, uit solidariteit met de Venezolanen.

De USAID-goederen werden kort daarna via Panama verscheept, omdat de grens tussen Curaçao en Venezuela dicht bleef. Maar de 250 ton goederen van die van burgers afkomstig waren bleven achterin de loodsen.

De Curaçaose overheid probeert de imagoschade te beperken door de fout bij Venex te leggen. Die organisatie zou zich niet aan de regels hebben gehouden. Maar Venex wil geen verantwoordelijkheid nemen, omdat het geen eigenaar was van de hulpgoederen.

STER reclame