ANP

Er is te weinig zicht op het aantal tijdelijke huurcontracten in Nederland. Dat zegt Carla Huisman, die daar onderzoek naar deed aan de Rijksuniversiteit Groningen. Ze waarschuwt voor een stille verschuiving van vaste huurcontracten naar overeenkomsten van maximaal twee jaar, wat volgens haar leidt tot meer onzekerheid voor een groeiende groep mensen. Ook de Woonbond, de belangenvereniging voor huurders, maakt zich zorgen.

Vóór de Wet doorstroming huurmarkt, die in 2016 werd ingevoerd, kon een huurder zo lang blijven huren als hij wilde. Dat schrok sommige potentiële verhuurders af. De nieuwe wet moest ertoe leiden dat het verhuren van een woning makkelijker werd, zodat er meer aanbod zou komen.

Maar de realiteit is anders, zegt Huisman. "Er is geen goed landelijk beeld, maar ik zie aanwijzingen dat het de verkeerde kant op gaat, bijvoorbeeld in Amsterdam, waar in 2015 meer dan de helft van de 18- tot 23-jarigen een tijdelijk huurcontract had."

Volgens Huisman neemt het aantal tijdelijke huurcontracten dus toe, maar blijkt nergens uit dat er ook meer woningen zijn bijgekomen. "Bij elke nieuwe huurder kunnen verhuurders bovendien een hogere prijs vragen: zij zijn dan niet gebonden aan de maximale huurverhoging."

Zwakkere positie

Volgens Huisman hebben met name jonge huurders in grote steden vaker een tijdelijk contract en dat kan negatieve gevolgen hebben. "Het betekent dat als je in die periode gedoe hebt over onderhoud, of je je afvraagt of je lasten te hoog zijn, je liever je mond houdt, in de hoop dat je mag blijven. Vindt de huisbaas je lastig, dan wordt het contract niet verlengd."

De Woonbond zegt dat het aantal klachten over tijdelijke huur sinds de nieuwe woonwet toeneemt. Van "bijna niks" naar structureel tien klachten per maand. "Maar het daadwerkelijke aantal ligt hoger denken wij, want niet iedereen kent de Woonbond of weet dat hij of zij een tijdelijk contract heeft", zegt woordvoerder Marcel Trip.

De kans dat het aantal tijdelijke contracten hoger is dan uit de cijfers blijkt, acht de Woonbond bovendien groot. "Voor commerciële verhuurders geldt dat ze dit type contract niet hoeven te registeren, terwijl de prikkel om tijdelijke contracten in te zetten enorm is."

Huren oprekken

Het ministerie van Binnenlandse Zaken verwachtte dat grote professionele verhuurders in de particuliere sector niet zitten te wachten op kortlopende contracten, omdat ze iedere keer kosten moeten maken bij het vinden van een nieuwe huurder en het opstellen van een nieuw contract.

"Dat argument snijdt geen hout", aldus Huisman. "Zeker in de huidige krappe markt zit je niet te wachten op dit soort contracten. Je moet consumenten beschermen. Nu gebeurt dit veel in grote steden als manier om huren flink op te rekken door particuliere verhuurders."

Gepaste aanleidingen

Vastgoed Belang, de grootste belangenvereniging van particuliere beleggers in vastgoed, zegt dat contracten van onbepaalde tijd in de meeste gevallen nog steeds het uitgangspunt zijn.

"Maar sinds 2016 zijn er meer mogelijkheden gecreëerd, dus het is niet gek dat daar met gepaste aanleidingen ook gebruik van wordt gemaakt", zegt directeur Laurens van de Noort. Dat dit niet het uitgangspunt is, heeft volgens hem te maken met de kosten en onrust die een bewonerswisseling veroorzaakt. "En daarbij is niemand gebaat."

STER reclame