Adolf Hitler met de Italiaanse kroonprins op het ereterras bij de Spelen in Berlijn in 1936 Getty Images

Vijfenzeventig jaar na de bevrijding van massavernietigingskamp Auschwitz heeft het Duits olympisch comité (DOSB) zijn excuses aangeboden voor het jarenlange zwijgen over de betrokkenheid bij het nazisme.

Het meest in het oog springende voorbeeld zijn ontegenzeggelijk de Olympische Spelen in Berlijn in 1936. Die Spelen werden door het regime van Adolf Hitler gebruikt als propagandamiddel.

"We hebben ons te weinig met dit beschamende deel van onze geschiedenis beziggehouden", zei Alfons Hörmann, voorzitter van de Duitse olympische sportbond. "Daarvoor wil ik mij als voorzitter verontschuldigen. Ook in de sport dragen wij een grote historische schuld."

"Wij zullen geen streep zetten onder dit verleden, maar onze verantwoordelijkheid nakomen", stelde voorzitter Hörmann bovendien. "Dat zijn we ook verplicht aan alle sporters, die in deze periode geleefd hebben en het soms met hun leven hebben moeten bekopen."

Bekijk hier een terugblik op de Olympische Spelen van 1936 in Berlijn waar Hitler aan de macht is en de triomftocht van de zwarte atleet Jesse Owens.

Het waren de Spelen van Hitler, maar een zwarte atleet is de gevierde held in 1936

Hörmann deed zijn uitspraken bij een bijeenkomst in Frankfurt. In diezelfde stad maakte voetbalclub Eintracht Frankfurt zondag bekend dat het oud-voorzitter Rudolf Gramlich postuum het erelidmaatschap heeft afgenomen wegens zijn betrokkenheid bij het nazi-regime.

Rudolf Gramlich was in 1936 aanvoerder van Duitsland tijdens de Olympische Spelen in Berlijn Getty Images

Gramlich voetbalde zelf voor Eintracht Frankfurt en het Duiste nationale elftal. In 1934 werd hij met Duitsland derde op het WK in Italië. Twee jaar later werd hij als aanvoerder van de Duitsers bij de Spelen in Berlijn - voor de ogen van nazikopstukken Hitler, Goebbels, Göring en Hess - in de kwartfinales uitgeschakeld. Na die nederlaag stopte Gramlich als international.

Van 1939 tot 1942 was Gramlich al voorzitter van Eintracht Frankfurt en na de oorlog keerde hij terug in de rol die hij van 1955 tot 1970 zou bekleden. In die periode behaalde Eintracht de enige landstitel (1959) en verloor het in 1960 de finale van de Europa Cup I van Real Madrid (7-3).

Eintracht Frankfurt liet Holocaust-onderzoekers speuren in het verleden van clubbestuurders in de nazi-tijd. Daaruit kwam naar voren dat Gramlich, die in 1988 overleed, niet alleen het gewelddadige regime van de nazi's steunde, maar ook actief betrokken was bij gewelddadigheden in bezette gebieden.

Na de oorlog werd Gramlich vastgezet door de geallieerden op verdenking van oorlogsmisdaden. In 1947 kwam hij vrij en twee jaar later trad hij weer toe tot het bestuur van Eintracht. Later werd hij benoemd tot erevoorzitter en ere-aanvoerder.

'Feiten nu anders beoordeeld'

"Wij zijn ervan overtuigd dat de feiten die speelden toen hij tot erevoorzitter werd benoemd, vandaag de dag anders beoordeeld zouden worden", verklaarde Peter Fischer, de huidige clubvoorzitter. "Een erevoorzitter, hoe positief zijn bijdrage aan de club ook, moet ook een moreel en ethisch rolmodel zijn voor de jeugd, de leden en de samenleving."

Maandag sprak de Nederlandse premier Mark Rutte ter gelegenheid van de Holocaust-herdenking ook al excuses uit voor de houding van de Nederlandse overheid tijdens de Tweede Wereldoorlog.

STER reclame