Koningin Juliana op het bordes van Paleis Soestdijk in 1978 ANP

Het Rijk heeft niet volgens de adviezen gehandeld bij de afhandeling van de nalatenschap van prinses Juliana, meldt tv-programma Zembla. Enkele kunstwerken van de voormalige vorstin zijn daardoor niet in bijvoorbeeld musea te zien.

Na het overlijden van Juliana in 2004 betaalde de koninklijke familie volgens Zembla een flink deel van de erfbelasting met kunstobjecten. Daarbij maakten de Oranjes gebruik van de speciale 'kwijtscheldingsregeling' van de Belastingdienst, waarmee de stukken in bezit kwamen van het Rijk.

De commissie die de kunst voor de regeling beoordeelde adviseerde het Rijk daarbij wel de voorwerpen van de Oranjes tentoon te stellen in bijvoorbeeld musea. Zembla ontdekte dat zeker twee prominente kunstwerken na de afhandeling van de erfenis 'gewoon' in de koninklijke paleizen zijn gebleven, buiten zicht van het publiek.

Penschilderij van 2,5 miljoen

Het gaat onder meer om een penschilderij van de schilder Willem van de Velde (1633-1707). Het werk is volgens een taxatierapport dat in handen is van het tv-programma 2,5 miljoen euro waard en hangt in het Paleis op de Dam in de werkkamer van de koning. Die kamer is niet toegankelijk voor publiek.

Oud-minister Plasterk (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) zou via een brief persoonlijk aan toenmalig koningin Beatrix hebben toegestaan dat het schilderij daar mocht blijven hangen.

Malachieten meubels

Verder staan de vijf malachieten meubels van koningin Anna Paulowna uit de erfenis van Juliana, die samen bijna een half miljoen euro waard zijn, momenteel in Paleis Noordeinde. Dat paleis is slechts een paar dagen per jaar toegankelijk voor publiek. Bij de overname door het Rijk stonden de meubels nog in de Leuvenzaal in Paleis Soestdijk die vaker voor het publiek toegankelijk is.

Steven Braat, oud-conservator Rijkscollectie van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed, noemt dat tegenover Zembla "vrij pijnlijk". Kunsthistoricus Rudi Ekkart, die betrokken was bij de afhandeling van de erfenis van Juliana, reageert ook verontwaardigd: "Het is niet de bedoeling geweest dat er meubels ergens verborgen in het paleis kwamen te staan."

Volgens de Rijksvoorlichtingsdienst zijn de meubels verworven door het Rijk "ten behoeve van gebruik in de Koninklijke Paleizen", waardoor het volgens de RVD geen probleem is dat ze nu in Paleis Noordeinde staan.

Eerdere reuring rond erfenis

Drie jaar geleden veroorzaakte de nalatenschap van Juliana ook al reuring, toen bleek dat de Oranjes twee werken uit de erfenis in 2012 hadden verkocht aan particulieren.

Het schilderij Boschbrand (1849) werd toen verkocht aan de National Gallery in Singapore. En de Atlas Munnicks van Cleeff, een map met 1200 zeventiende- en achttiende-eeuwse tekeningen van de stad en de provincie Utrecht, werd verkocht aan de vermogende Nederlandse zakenman John Fentener van Vlissingen.

De verkoop van de werken leidde tot Kamervragen, omdat ze niet eerst aan Nederlandse musea waren aangeboden. Zembla meldt nu dat de Oranjes die werken ook niet hebben gebruikt voor de deal met de fiscus na de dood van Juliana.

STER reclame