Een schets van een nieuw ziekenhuis in het Rifgebied, met de bouwplaats op de achtergrond NOS

Nieuwbouw in de Rif, maar onvrede blijft: 'Overheid belooft al jaren beterschap'

tijd van publicatie
Geschreven door
Willemijn de Koning
correspondent Marokko

Bijna drie jaar nadat Riffijnen de straat opgingen om te protesteren tegen de achterstand in hun regio, doet Marokko een poging om de situatie in de Rif te verbeteren. Ook laat de Marokkaanse koning af en toe demonstranten vrij uit de gevangenis. Toch loopt het gebied in het noorden van Marokko nog steeds achter op de rest van het land en worden er mensen gevangengezet.

"Toen ik na een jaar en drie maanden celstraf vrijkwam, zag ik dat de overheid aan geen van onze eisen tegemoet was gekomen", zegt Jaouad Bellali in Al Hoceima, de hoofdstad van de Rif. Hij protesteerde eind 2016 en begin 2017 net als duizenden andere Riffijnen en Marokkanen. Hun eisen: beter onderwijs, goede gezondheidszorg, meer werkgelegenheid en minder corruptie en militarisering in de Rif.

De overheid beschuldigde de Riffijnen van vandalisme en separatisme. Marokko is bang dat de Riffijnen weer een eigen republiek willen stichten zoals in 1923. De staat arresteerde zo'n duizend demonstranten en veroordeelde hen tot celstraffen oplopend tot twintig jaar. Onder hen waren ook familieleden van Nederlanders. Veel gevangenen werden door agenten mentaal en fysiek mishandeld.

"In Al Hoceima schopten agenten me zodanig in elkaar dat ik naar het ziekenhuis moest. Ook beledigden ze mij, mijn familie en de Rif", zegt Jaouad. Hij moest met vijftig anderen - volgens de staat de protestleiders - naar Casablanca, elf uur rijden van hun woonplaats en familieleden vandaan en werd veroordeeld tot twee jaar cel.

Jaouad kwam vrij door een koninklijk pardon - de koning geeft op bijna elke feestdag gratie aan gedetineerden. "Maar ik en veel andere gevangenen wilden dit niet, want als je zo'n pardon aanvraagt, geef je toe dat je iets fout hebt gedaan. Wij vroegen om basisrechten."

Callcenter en muziekschool

In de regio loopt de economie nog altijd achter bij de situatie in steden als Tanger en Casablanca, maar er zijn kleine verbeteringen. Bijna alle straten en stoepen in het gebied zijn vernieuwd, Al Hoceima krijgt nieuwe bedrijven en er is nieuwe apparatuur in het centrum voor oncologie. Er worden een muziekschool en een theater gebouwd, en buiten de stad verrijst een nieuw ziekenhuis.

Een nieuw callcenter in Al Hoceima NOS

Maar ook in Marokko zegt de buitenkant niet alles. "Het ziet er goed uit voor de buitenwereld, maar de watertoevoer is nog niet goed. Alles onder de oppervlakte werkt nog niet", zegt Jaouad. "Er is geen werk en ook onvoldoende apparatuur en personeel voor het oncologiecentrum; dus je moet alsnog vier uur of langer reizen voor een behandeling tegen kanker."

In de nieuwe (bouw)projecten hebben Jaouad en veel andere Riffijnen geen vertrouwen. "Dat is normaal, want de overheid belooft al sinds de jaren 60 beterschap maar er gebeurt niets", zegt een anonieme activist. "Daarom zijn er enkelen - zeker niet de meerderheid - die een eigen republiek willen of naar Europa willen vluchten."

Dit laatste gebeurt al op grote schaal. In 2018 zijn 12.000 Marokkanen naar Spanje gevlucht, volgens mensenrechtenorganisaties en de grensbewakingsdienst Frontex voor het merendeel Riffijnen. Nu zetten veel Europese Riffijnen zich in voor de zaak door te protesteren en te lobbyen bij de Europese Unie. "Het helpt ons niet concreet, maar wel mentaal en daar bedank ik ze voor", zegt Jaouad.

De straat op

Intussen blijft het in de Rif vrij rustig omdat de politie de bevolking nog steeds weerhoudt van protesteren en ze oppakt als ze dat toch doen. "Ze zijn bang voor ons omdat we hun internationale imago beschadigd hebben", aldus de activist die niet bij naam genoemd wil worden. "Maar als er niets verandert, gaan we over een aantal jaar weer de straat op."

Er zitten nu nog zo'n vijftig Riffijnen vast voor hun betrokkenheid bij de protesten. Sommigen hebben nog zeventien jaar gevangenisstraf te gaan.

STER Reclame