De Hoge Veluwe ANP
NOS Nieuws Binnenland Politiek Aangepast

Miljoenen voor verbeteren nationale parken en vergroten bekendheid

Nationale parken krijgen zes miljoen euro van het kabinet om de parken aantrekkelijker te maken en hun bekendheid te vergroten.

Nederland telt 21 nationale parken, waaronder de Hoge Veluwe, Nieuw Land, De Loonse en Drunense Duinen, De Groote Peel, Weerribben-Wieden en de Utrechtse Heuvelrug. "In de parken komen de waarden van natuur bij uitstek naar voren: mooi, kwetsbaar en noodzakelijk. Natuur is de basis van ons bestaan", schrijft minister Schouten in een Kamerbrief. Volgens haar verdient de kwetsbare natuur onze aandacht en bescherming.

Nieuwe standaard, grotere parken

In een nieuwe standaard voor nationale parken is de ambitie voor de komende jaren vastgelegd. Daarin staat het ontwikkelen van grotere parken centraal, waarbij het vooral gaat om het versterken van de identiteit van het park en de 'beleefbaarheid'. Ook de verbinding met regionale gemeenschappen, educatie en het ontwikkelen van onderzoeksprogramma's spelen een belangrijke rol.

Parken die zich in de richting van de nieuwe standaard ontwikkelen verdienen volgens Schouten extra ondersteuning. Daarom stelt het kabinet voor de komende drie jaar eenmalig zes miljoen euro beschikbaar. De minister tekent daarbij aan dat het belangrijk is dat dit wordt aangevuld met financiering vanuit de regio, door bijvoorbeeld provincies en gemeenten.

De parken vertellen samen het verhaal van de Nederlandse natuur.

Jori Wolf van het Nationale Parken Bureau

Schouten stelt de komende drie jaar via het Nationale Parken Bureau 1 miljoen euro beschikbaar voor educatie. 1,4 miljoen euro is bestemd voor het vergroten van de internationale bekendheid.

"We zijn er dolblij mee", zegt Jori Wolf van het Nationale Parken Bureau in het AD. "Het doel is om de komende jaren nationale parken met grootse allure te krijgen. De parken vertellen samen het verhaal van de Nederlandse natuur, je kunt ze beschouwen als de Rembrandts van de natuur."

Ook Hendrik Oosterveld van het Samenwerkingsverband Nationale Parken en voorzitter van nationaal park de Drentsche Aa benadrukt dat het om de pronkstukken van de Nederlandse natuur gaat. "Het zijn dé kenmerkende natuurgebieden in Nederland", zei hij op NPO Radio 1.

Oosterveld is blij met de Kamerbrief van Schouten waarin de toekomst van de parken wordt geschetst als niet alleen sec natuur, maar als natuurgebieden in een samenleving, in verbinding met de omgeving. "Dat vergt dat je de parken moet herzien. Daarvoor moet worden gekeken hoe je verder bouwt aan de toekomst, waarbij nieuwe vraagstukken zoals kringlooplandbouw en het aanpassen van de samenleving aan het klimaat een plaats krijgen."

'Zonering werkt'

Meer toeristen betekent meer belasting voor natuurgebieden, maar Oosterveld is van mening dat meer bezoekers ontvangen mogelijk is. "In verschillende parken hebben we een beleid van zonering, dat betekent dat je kwetsbare plekken sowieso ontziet, zeker in broedperiodes."

De internationale campagne om meer bekendheid te genereren wordt nu opgezet voor drie gebieden: de Zuidwestelijke Delta, de Hollandse Duinen en het Waddengebied. Als het goed gebeurt kan volgens Oosterveld daardoor ook de regionale economie een duwtje in de rug krijgen.

STER reclame