Anner Bijlsma repeteert voor zijn laatste concert in 2006 Paul van Riel | Hollandse Hoogte

De cellist Anner Bijlsma is de afgelopen nacht in Amsterdam overleden, heeft zijn familie laten weten aan het ANP. Hij gold als een van de beste cellisten ter wereld. In 2006 gaf hij zijn laatste concert op de eerste Cello Biënnale in Amsterdam. Daarna kon hij door een progressieve spierziekte niet meer optreden.

Anner Bijlsma - die oorspronkelijk Anne heette maar daar een 'r' achter zette omdat hij niet als vrouw wilde worden aangezien - speelde aanvankelijk moderne muziek in een ensemble met onder anderen Reinbert de Leeuw, maar hij werd vooral bekend als vertolker van oude en barokmuziek.

Vanaf 1958 was hij solo-cellist bij de Nederlandse opera en van 1962 tot 1968 was hij eerste cellist bij het Concertgebouworkest.

Daarna vergaarde hij wereldfaam met zijn vertolkingen van werken van Beethoven, Boccherini en vooral Bach. Hij vormde een trio met klavecinist Gustav Leonardt en blokfluitist Frans Brüggen, met wie hij langs concertzalen in Europa en daarbuiten trok. Net als zij streefde hij naar authentieke interpretaties: ze probeerden de muziek te laten klinken zoals de componisten dat in de tijd zelf bedoeld moeten hebben.

Bijlsma maakte ook naam als docent aan de conservatoria in Den Haag, Amsterdam, Berlijn en New York. Veel toonaangevende solisten hebben bij hem gestudeerd.

Over Bachs cellosuites schreef hij een boek. Zijn stelling was dat de muziek van Bach niet perfect van papier gespeeld moest worden, want dat maakte in zijn ogen de muziek dood. De cello moest naar zijn overtuiging met de muziek "meespreken".

Cherry Duyns maakte een televisieportret van hem onder de titel De Arm van Bach. Hij verzette zich tegen de kwalificatie 'meestercellist'. "Onzin", zei hij daarover, "ik ben maar een buikspreker van de componist".

Spierziekte

In 1982 beweerde hij in een interview met Jan Brokken dat hij juist wel ijdel was en eigenlijk helemaal geen hartstochtelijk cellist was. Hij was naar eigen zeggen veel te lui om lang te studeren en te oefenen. "Op de dag dat ik met die cello stop, wil ik er ook niets meer van weten. Als je niet meer speelt krijg je namelijk geen correctie op je eigen ijdelheid, waardoor je jezelf, terugkijkend, steeds groter gaat zien."

Anner Bijlsma in 1991 ANP

In 2006 was hij gedwongen te stoppen omdat hij door een spierziekte zijn vingers steeds moeilijker kon bewegen. Hij deed daar laconiek over. In 2014 zei hij in een interview met NRC Handelsblad dat hij thuis nog lang was doorgegaan, tot hij bang was dat de cello uit zijn vingers zou vallen. "Inmiddels doet geen enkele vinger het echt meer. Maar zo erg als ALS is de ziekte nu ook weer niet."

Datzelfde jaar werd een prijs naar hem vernoemd, de Anner Bijlsma Award. De prijs werd voor het eerst aan hem uitgereikt. Vorig jaar ontving de Italiaanse cellist en componist Giovanni Sollima de oeuvreprijs van 50.000 euro. Bijlsma besloot het prijzengeld te besteden aan verschillende doelen, zoals onderzoeksprojecten op het gebied van oude muziek

Spelen in het hoofd

In Met het Oog op Morgen vergeleek hij zichzelf in 2016 met Beethoven. Zoals Beethoven nog componeerde en de muziek in zijn hoofd hoorde toen hij doof was, zo speelde hij in zijn hoofd nog cello toen hij door de spierziekte zijn vingers niet meer kon bewegen. Het cello spelen zat nog helemaal in zijn systeem. "Al die vingerzettingen zitten ook nog in mijn kop. Dus als ik in bed lig, speel ik soms een heel stuk door."

Hij was getrouwd met de violiste Vera Beths, met wie hij in de jaren tachtig en negentig ook optrad in een strijktrio, en had een zoon en twee dochters. Zijn dochter Carine Bijlsma maakt een film over haar vader en diens liefde voor Boccherini.

STER reclame