ANP
NOS Nieuws Binnenland Economie

'Oplossing stikstofprobleem is heel simpel: de veestapel inkrimpen'

Stikstof is drie grote infrastructurele projecten fataal geworden: de verbreding van de A12 en A27 bij Utrecht, de herinrichting van vliegbasis Twenthe en de uitbreiding van industrieterrein Oosterhorn. De projecten brengen volgens de Raad van State de natuur te veel schade toe. Concreet gaat het om stikstof: dat is er te veel, en het Nederlandse programma om stikstof terug te dringen (PAS) voldoet nu niet, oordeelde de Raad eerder al.

Het gevolg is dat er voortaan alleen gebouwd mag worden als de natuur in de omgeving er geen last van heeft. Dat klinkt misschien logisch, maar bouwprojecten zijn niet de enige bron van stikstof in Nederland. Ook de veeteelt, auto's en industrie dragen bij.

We vroegen aan drie ecologen wat zij denken dat nodig is om het teveel aan stikstof terug te dringen.

"Het is heel simpel: we moeten de veestapel aanzienlijk inkrimpen", stelt Frank Berendse, emeritus hoogleraar ecologie. "Want daar komt het meeste stikstof vandaan." Koeien, varkens en kippen scheiden stikstof af met hun poep, die wordt gebruikt als mest. Een deel van die mest verdampt als ammoniak, komt in de lucht en slaat neer in de natuur.

Collega-ecoloog Arnold van den Burg denkt ook dat ingrijpen in de veestapel het meeste effect sorteert. "Dat zet echt zoden aan de dijk, ook omdat het stikstof dat dieren uitstoten, schadelijker is dan dat uit auto's en industrie." Kort gezegd veroorzaken beide varianten stikstof verrijking van de bodem, maar stikstof uit dieren verzuurt de natuur ook nog eens. En ook verzuring is niet goed voor de biodiversiteit. "Een dubbel effect dus."

De onderzoeker van Stichting Biosfeer denkt dat Nederland terug moet naar circulaire landbouw. "Dus alle veevoer weer hier verbouwen en niet kopen in het buitenland, zoals nu", zegt Van den Burg. Veel voer voor dieren wordt geïmporteerd, bijvoorbeeld in de vorm van soja. "Veevoer importeren, is stikstof importeren."

Een andere optie is innovatie in de veeteelt, legt Berendse uit. "Dat is de afgelopen jaren al geprobeerd, met technische middelen het stikstof opvangen en verwerken. Maar dat is niet genoeg. Veel minder varkens, runderen en kippen is de enige echte oplossing."

Het is moeilijk om te zeggen hoeveel precies, zegt de emeritus hoogleraar van de Wageningen Universiteit. "Maar ik denk uiteindelijk dat er een reductie nodig is van de helft tot twee derde." Naar schatting zijn er in Nederland 1,7 miljoen runderen, 12,5 miljoen varkens en zo'n 100 miljoen kippen.

'Koe in de wei'

LTO Nederland, de grootste belangenorganisatie voor boeren, benadrukt in een reactie dat de uitstoot van ammoniak door de veehouderij sinds 1990 al met 68 procent is gedaald. "Boeren willen investeren in een verdere verbetering van de luchtkwaliteit, zoals al in de PAS was afgesproken. Daarvoor is wel ruimte om te verduurzamen nodig", laat een woordvoerder weten.

De belangenorganisatie ziet wel heil in technische middelen. "Bijvoorbeeld nieuwe stallen die beter ammoniak kunnen afvangen, het mestgebruik aanpassen, ander voer en extra weidegang - maatregelen die ook nog eens goed zijn voor het klimaat. LTO Nederland zet zich ervoor in dat ook in de toekomst de koe in de wei kan blijven staan, en dat de sector wereldwijd voorop blijft lopen in duurzaamheid."

Veeteelt is hier om de hoek van de kwetsbare natuurgebieden.

Ecoloog Sander Hunink

Sander Hunink van onderzoeks- en adviesbureau Ecologica denkt net als zijn twee collega-ecologen dat er iets met de veestapel moet gebeuren. "Maar er zijn meerdere bronnen van stikstof, dus ook meerdere oplossingen. Je kan ook denken aan strengere normen voor auto's of het verplaatsen van industrie naar minder kwetsbare gebieden in Europa."

De bevolkingsdichtheid is een bepalende factor in het stikstofoverschot, zegt de ecoloog. "Wij zijn dichtbevolkt en maken efficiënt gebruik van ons land. Veeteelt is hier om de hoek van de kwetsbare natuurgebieden. En het een bijt het ander."

Volgens Hunnik is een herverdeling van de veelteelt naar minder kwetsbare delen is een optie, naast ingrepen in de veestapel. "Maar dat is een pijnlijk proces. Agrariërs en hun voorouders hebben ons landschap voor een deel gemaakt. En dan zouden wij nu willen dat ze weggaan. Dat is cultuurhistorisch complex."

STER reclame