De behandeling van de zaak van het Afghaanse meisje Sahar bij de Raad van State is op verzoek van minister Leers voor Immigratie en Asiel uitgesteld.

Er zou woensdag een zitting zijn, maar de Raad van State meldt dat die niet doorgaat. Wanneer de zitting nu is, is nog niet bekend.

Leers heeft vandaag een ambtsbericht van Buitenlandse Zaken ontvangen over schoolgaande meisjes in Afghanistan. Daarin staat dat westerse meisjes meer risico lopen om slachtoffer te worden van geweld. De minister wil bekijken of aan deze informatie consequenties voor Sahar moeten worden verbonden.

Verwesterd

Leers ging in januari in hoger beroep bij de Raad van State tegen de uitspraak van de rechter in Den Bosch. Volgens die uitspraak mochten Sahar en haar familie voorlopig niet worden teruggestuurd naar Afghanistan, omdat Leers zijn afwijzing van hun asielverzoek niet goed had onderbouwd.

De minister zei daarop toen dat er in Nederland zeker 400 meisjes als Sahar wonen, die heel verwesterd zijn en toch terug moeten naar Afghanistan. Hij zei geen uitzondering te willen maken omdat de zaak-Sahar veel media-aandacht heeft gekregen.

Sahar en haar familie wonen tien jaar in Nederland, in het Friese Sint Annaparochie. Het meisje gaat naar het gymnasium in Leeuwarden. Verschillende asielaanvragen van het gezin zijn afgewezen.

STER reclame