Taal Doet Meer uit Utrecht krijgt Appeltje van Oranje ANP

Appeltje van Oranje-winnaar: 'Nederlands is voor Eritreeërs moeilijk'

time icon

Eritreeërs hebben veel moeite met het leren van de Nederlandse taal. Dat merkt ook Taal Doet Meer, een vrijwilligersorganisatie die vluchtelingen helpt het Nederlands onder de knie te krijgen. Hiervoor ontvingen ze vandaag van koningin Máxima een Appeltje van Oranje. Die prijs wordt jaarlijks uitgereikt aan drie sociale initiatieven die ervoor zorgen dat mensen mee kunnen doen in de samenleving.

De andere twee Appeltjes van Oranje gingen naar ElanArt en Met je Hart. Hoe de uitreiking ging, zie je in deze video:

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

Koningin Maxima reikt de Appeltjes van Oranje uit

Zo'n duizend Utrechtse vrijwilligers van Taal doet Meer zetten zich al decennia in om anderstaligen in de stad niet alleen de taal te leren kennen, maar ook de Nederlandse samenleving. Lineke Maat, de directeur de organisatie, vertelt dat er regelmatig Eritreeërs bij hen aankloppen. Na Syriërs zijn ze de grootste groep vluchtelingen in Nederland.

Eritreeërs Nederlands leren blijkt echter een grote opgave. "Ze zijn vaak laag opgeleid, terwijl Syriërs meestal hoog opgeleid zijn", vertelt Maat. "Die zitten er bij onze taallessen wel eens bij, maar zijn al snel uitgeleerd."

Moeilijk om te leren

Een aantal jaren basisonderwijs is vaak het enige wat Eritreeërs hebben gevolgd. En dan ook nog in hun moedertaal, het Tigrinya. "Het Nederlands wijkt totaal af van het Tigrinya. Dat maakt het bijzonder moeilijk om te leren ", vertelt Leen Sterckx, die namens het Sociaal Cultureel Planbureau onderzoek deed naar Eritrese statushouders. Ook de hulp van Google Translate kan niet worden ingeroepen; hier staat het Tigrinya immers niet op.

Een ander obstakel die Eritreeërs ervaren, is de manier van lesgeven in Nederland. "Hier zijn we voorstander van zelfstudie en thuisonderwijs, dat kennen ze niet", vertelt Sterckx. "In hun thuisland werd er hoofdzakelijk klassikaal les gegeven."

Minstens zo'n groot obstakel als de opleiding, is volgens Sterckx het wantrouwen dat Eritreeërs soms voelen. "De lange arm van het regime reikt naar hun idee ver", geeft ook Maat aan. "Bij onze taallessen merken we dit goed, zoals bij 'Taal & Werk', waar we mensen vragen een LinkedIn-pagina aan te maken. Veel Eritreeërs durven hun naam absoluut niet op het internet te zetten."

De directeur van Taal doet Meer noemt het vandaag ontvangen Appeltje een blijk van erkenning. "We zijn enorm trots", voegt ze toe. Met de 15.000 euro aan prijzengeld willen ze onder andere hun kennis met andere regio's delen.

STER Reclame