Minister Hoekstra en premier Rutte met het koffertje met de Miljoenennota ANP

Begrotingsoverschot stijgt meer dan verwacht

tijd van publicatie

De overheid had in 2018 een begrotingsoverschot van 11 miljard euro. Dat is 1,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp), meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Het overschot is hoger dan verwacht. Op Prinsjesdag ging het kabinet nog uit van een begrotingsoverschot van 0,8 procent in 2018.

Door een goed draaiende economie en door hogere belastingtarieven kwam er meer belasting- en premiegeld binnen. Zo ontving de overheid meer btw, vennootschapsbelasting, loon- en inkomstenbelasting, dividendbelasting en tabaksaccijns. In totaal stegen de overheidsinkomsten met 4,7 procent naar 337 miljard.

De overheidsuitgaven stegen ook, met 4,1 procent naar 326 miljard. Maar dus minder hard dan de inkomsten. Er werd vooral meer uitgegeven aan de zorg en aan lonen van ambtenaren. Door de lagere werkloosheid werd er minder uitgegeven aan bijstands- en werkloosheidsuitkeringen.

Schikking ING

Een begrotingsoverschot wordt standaard gebruikt om de staatsschuld terug te brengen. Eind 2017 was de staatsschuld nog 57 procent van het bruto binnenlands product. Eind 2018 was dat gedaald naar 52,4 procent van het bbp. Dat is ruim 405 miljard euro, oftewel een schuld van ruim 23.000 euro per inwoner.

De schikking van ING met het Openbaar Ministerie leverde bijna 800 miljoen euro aan extra inkomsten op. De bank moest dat betalen omdat er onvoldoende was gecontroleerd op witwassen. In de Miljoenennota was het bedrag al meegerekend.

STER Reclame