Provincies onvoldoende transparant over klimaatbeleid

ANP
Geschreven door
Heleen Ekker
redacteur Binnenland

Het is onvoldoende transparant wat provincies de afgelopen jaren hebben gedaan op het gebied van klimaat en energie. Ook verschilt het sterk per provincie wat de ambities zijn, komt naar voren uit een gezamenlijk onderzoek van de vijf provinciale Rekenkamers.

Klimaat en energie spelen een hoofdrol in de verkiezingen voor de Provinciale Staten, die op 20 maart gehouden worden. Bij de uitvoering van klimaatbeleid krijgen provincies een steeds grotere taak.

Bovendien zal het steeds verdergaande klimaatbeleid een grote impact hebben op het landschap. In het rapport doen de Rekenkamers aanbevelingen voor de rol die Provinciale Staten spelen bij de overgang naar andere energiebronnen.

Ondoorzichtig

Volgens Nellie Verbugt van de Zuidelijke Rekenkamer toont het onderzoek aan dat de verschillen tussen provincies zo groot zijn dat moeilijk te bepalen is wat ze gezamenlijk bereiken. "Het is ondoorzichtig doordat elke provincie op dit moment zijn eigen terminologie gebruikt, zijn eigen definities hanteert en ook een andere wijze van verantwoording afleggen heeft."

Daar komt bij dat provincies verschillende doelen en tussendoelen hebben gesteld. Dit maakt het moeilijk om te bepalen of de gestelde doelen wel bereikt zullen worden.

Het is belangrijk dat goed kan worden uitgelegd aan de burger hoe het geld voor klimaatbeleid besteed wordt.

Nellie Verbugt (Zuidelijke Rekenkamer)

Vanwege het gebrek aan transparantie is ook niet goed te beoordelen waaraan de provincies hun geld voor klimaatbeleid uitgeven. Gegevens over de 'energietransitie' zijn niet te vergelijken, stelt het rapport. "Er gaat in de energietransitie heel veel geld om. Geld dat we op een nuttige manier willen besteden aan de energieomslag. Dan is het belangrijk dat goed kan worden uitgelegd aan de burger hoe dat geld besteed wordt", zegt Verbugt. Dit moet in de toekomst beter, vindt ze.

Doelen niet gehaald

De provincies erkennen dat er de afgelopen jaren het een en ander is misgegaan. Ook zijn er volgens de laatste cijfers naar verwachting maar twee provincies die de doelen voor windenergie halen: Noord-Holland en Groningen. Dit zijn cijfers van vorig voorjaar, die over een paar maanden geactualiseerd worden.

Het Interprovinciaal Overleg IPO wijst erop dat provincies wel aan de verplichting hebben voldaan om locaties voor windparken aan te wijzen. Daarna is het de bedoeling dat ze samenwerken met mensen of bedrijven voor het bouwen van molens op zo'n locatie. Want provincies doen dat niet zelf.

Maar in die fase lopen provincies tegen allerlei knelpunten aan, vertelt gedeputeerde Jop Fackeldey van Flevoland. Hij is voorzitter van de commissie waarin de gedeputeerden energie van alle provincies zitten. "Radarverstoringen, vogeltrek, hoogtes, beperkingen die met de luchtvaart samenhangen. Die moet je allemaal in kaart brengen. Dat zijn dingen waar we van tevoren nooit over nagedacht hadden. Want Nederland lijkt wel heel ruim, maar dan zie je dat Nederland redelijk vol is", zegt Fackeldey.

Uit cijfers die vorig jaar verschenen blijkt dat de provincies heel verschillend presteren als het gaat om de doelstellingen voor windmolens. De provincie Flevoland heeft verreweg de meeste molens en heeft ook de hoogste doelstelling. Want provincies met veel ruimte en wind moeten relatief meer bijdragen.

Groningen en Noord-Holland zijn naar verwachting de enige provincies die hun doelstelling halen. Friesland heeft in absolute zin het grootste tekort. En de provincie Utrecht had de laagste doelstelling, maar is daar ook relatief het verst van verwijderd.

De kritiek van de rekenkamers vindt Fackeldey terecht, maar inmiddels wel achterhaald. "Want in het voorlopige Klimaatakkoord staat de Regionale Energie Strategie (zie kader hieronder) aangekondigd. Daar staat ook in dat we met één maat gaan meten, dat we ook moeten zorgen dat alles optelbaar is, en daarmee voldoen we aan wat de Rekenkamer aangeeft."

De belangrijkste les die de provincies volgens Fackeldey de afgelopen jaren hebben geleerd, is dat nooit meer van bovenaf plannen erdoor gedrukt moeten worden. "Wat niet werkt, is als je dat van bovenaf uitstort en zegt: zoek het verder maar uit."

Het is van het grootste belang om vanaf het prille begin de bevolking erbij te betrekken, zegt hij. "Van onderaf opbouwen, draagvlak creëren, dat is een belangrijke voorwaarde om windenergie te kunnen laten slagen. Het sleutelwoord is participatie."

Bij Nijmegen is het uiteindelijk gelukt. Omwonenden procedeerden eerst tot aan de Raad van State, maar nu staan er windmolens van een corporatie. En daar is omwonende Dia Vennis uiteindelijk toch blij mee:

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

Dia wilde geen windmolen bij haar huis, maar nu is ze er blij mee

Om de uitdaging rond nieuwe energiebronnen beter aan te kunnen is Nederland sinds afgelopen maand een nieuwe indeling rijker. Het land is daarbij opgedeeld in dertig regio's. Voor die gebieden worden op dit moment Regionale Energie Strategieën ontwikkeld. Op een nieuw gevormde kaart is te zien hoe de indeling met de nieuwe regio's eruitziet.

Provincies, gemeenten en waterschappen werken samen in zo'n RES. Met bedrijven, maatschappelijke organisaties, burgers en netbeheerders wordt gezamenlijk gekeken welke mogelijkheden er zijn voor het duurzaam opwekken van energie.

STER Reclame