Geen Nederlandse media meer op Europese nepnieuwslijst

ANP
Geschreven door
Thomas Spekschoor
correspondent Europa

De EU zal geen Nederlandse media meer op een nepnieuwslijst plaatsen. Dat zeggen medewerkers van die lijst tegen de NOS. EU-ambtenaren zijn eerder dit jaar in Den Haag geweest om met ambtenaren van minister Ollongren de toekomst van de nepnieuwslijst te bespreken. Ze beloofden dat ze zich voortaan richten op Russische media en media in buurlanden van Rusland.

De nepnieuwslijst kwam begin dit jaar in Nederland in opspraak. Op de website EUvsDisinfo stonden meer dan 3500 artikelen met verondersteld nepnieuws. Het overgrote deel van die artikelen kwam uit Russische media, maar er stonden ook vijf Nederlandse artikelen op de lijst. Ze kwamen onder meer van GeenStijl, The Post Online en de website van De Gelderlander.

Die Nederlandse artikelen bleken helemaal geen nepnieuws te bevatten. Pas nadat de Nederlandse media hadden gedreigd met een rechtszaak, gaf het team achter EUvsDisinfo toe dat er fouten waren gemaakt. De artikelen werden van de website gehaald.

Rusland

De NOS kreeg via een Europees WOB-verzoek een verslag van het gesprek dat EU-ambtenaren over de nepnieuwskwestie in april in Den Haag hadden. Tijdens die bijeenkomst meldden ze dat ze zich sinds enige tijd focussen op Russische media en op landen die dicht bij Rusland liggen. Nieuwe Nederlandse voorbeelden zijn sindsdien niet op de lijst verschenen. In achtergrondgesprekken met de NOS bevestigen de EU-ambtenaren dat dat ook in de toekomst niet zal gebeuren.

De ambtenaren zeggen dat er lessen geleerd zijn uit eerdere fouten. Zo moet de website minder afhankelijk worden van vrijwilligers. De NOS berichtte eerder dat de lijst leunt op een kleine groep ideologisch gemotiveerde vrijwilligers, in veel gevallen met een sterke afkeer van de Russische machthebbers. Die afhankelijkheid is niet goed, heeft EUvsDisinfo intern geconstateerd. Het risico op fouten is te groot.

Weinig EU-landen

Voor een groot deel zijn de veranderingen in de werkwijze van de website nu al terug te zien. Sinds juli komen er nauwelijks meer media uit EU-landen op de lijst voor. Dat is geen toeval, maar beleid, zeggen de EU-ambtenaren. Media uit EU-landen worden in principe niet meer op de lijst gezet, tenzij lidstaten zelf vragen om ook hun media in de lijst op te nemen.

Verder was begin dit jaar nog te zien welke vrijwilliger een artikel had aangemeld bij EUvsDisinfo. Die informatie is verdwenen nu het team niet meer wil leunen op de vrijwilligers.

Afschaffen

De Tweede Kamer eiste dat minister Ollongren in Brussel zou pleiten voor het volledig afschaffen van de lijst. Dat heeft ze gedaan, maar de lijst zal blijven bestaan. Veel andere EU-landen zien het verzamelen van voorbeelden als een goede methode om Russisch nepnieuws in kaart te brengen. Ze willen er niet mee stoppen.

Volgende week komt de Europese Commissie met een uitgebreide strategie tegen nepnieuws. In de aanloop naar de Europese verkiezingen, wil de EU de verspreiding van nepnieuws tegengaan. De verwachting is dat de Commissie dat vooral wil doen via voorlichtingscampagnes, afspraken met internetplatforms en het ondersteunen van factcheckers. East Stratcom, de organisatie achter EUvsDisinfo, zou daarvoor zelfs extra geld kunnen krijgen. Dat geld wordt dan alleen niet ingezet om EU-nepnieuwslijsten aan te leggen.

STER Reclame