Ook Duitsland staat stil bij einde Eerste Wereldoorlog, maar wel anders

Duitse militairen rijden door de straten van Berlijn Getty Images
Geschreven door
Kees van Dam
verslaggever

Veel kransen, vlaggen en volksliederen de komende dagen in België, Frankrijk en Groot-Brittannië. Want volgende week, 11 november, is de herdenking van het einde van de Eerste Wereldoorlog, dit jaar 100 jaar geleden. In Duitsland geen kransen en vlaggen. Maar dat betekent niet dat er geen aandacht voor is. "Integendeel", zegt historicus Daniel Schönpflug. De belangstelling voor de Eerste Wereldoorlog en de periode daarna neemt volgens hem de laatste jaren toe. "En dat is maar goed ook."

Schönpflug heeft een goed gevoel voor timing. Zijn boek Kometenjahre, 1918: Die Welt im Aufbruch, dat hij vorig jaar publiceerde (een aar voor de herdenking van het einde van de Grote Oorlog) vliegt de winkels uit. En niet alleen in Duitsland. Er zijn vertalingen in onder meer in het Engels, Frans, Italiaans, Deens, Zweeds, Russisch, Chinees en Koreaans. De Nederlandse titel: 1918 Het jaar van de dageraad.

Het einde van de Eerste Wereldoorlog, daar wilde men liever niet te veel aan terugdenken.

Daniel Schönpflug, historicus

"Rond 1918 heeft in Duitsland altijd een duistere waas gehangen", vertelt de historicus. "Het einde van de Eerste Wereldoorlog, daar wilde men liever niet te veel aan terugdenken. Kwam dat door de Duitse nederlaag? Volgens mij niet. De nederlaag van 1945 is zo'n beetje de basis van het Duitse naoorlogse nationale discours. Nee, er speelden andere zaken mee."

Natuurlijk: de herinnering aan de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust overschaduwt veel. Maar dat verklaart volgens Schönpflug niet alles. "Eigenlijk was het einde van de Eerste Wereldoorlog hier meteen al een moeilijk te bevatten gebeurtenis. In Frankrijk bijvoorbeeld werden al snel, in de eerste maanden na de wapenstilstand, de eerste herinneringsmonumenten opgericht. In Duitsland gebeurde dat pas in 1929."

Het einde van de oorlog kwam onverwacht, legt de auteur uit. "Het Duitse leger capituleerde terwijl het zich nog ver in Frankrijk en België bevond. Maar na de eerste schrik leidde in eerste instantie de vrede opmerkelijk genoeg tot een groot gevoel van opluchting en echte hoop op betere tijden."

Inwoners van Parijs vieren op 11 november 1918 het einde van de Eerste Wereldoorlog AFP

Schönpflug volgt in zijn boek politici, kunstenaars, schrijvers, gewone mensen. En die zien nieuwe kansen, dromen van vooruitgang. In Berlijn is er revolutie, de keizer verdwijnt, politiek links en rechts strijden om de macht om hun idealen te verwezenlijken. Maar dat positieve gevoel slaat al snel om in Duitsland.

"De grote ommezwaai is de Vrede van Versailles van 1919. Die is heel hard voor Duitsland en dat gegeven bepaalt ook in belangrijke mate hoe generaties op 1918 terugkijken. Het idee is: toen is alle ellende in de twintigste eeuw voor Duitsland begonnen. De hyperinflatie van 1921 en 1923 als gevolg van de terugbetalingen aan de geallieerden, de oprichting van de Weimar Republiek die ten onder ging met de komst van Hitler in 1933, de nazi's aan de macht, de Tweede Wereldoorlog, de Holocaust, de Duitse deling. Het startpunt van dit alles: 1918."

Enorme kijkcijfers

De laatste jaren ziet Schönpflug de belangstelling voor het Duitsland van na 1918 sterk toenemen. Dat blijkt bijvoorbeeld uit de enorme kijkcijfers en grote waardering voor de televisieserie Babylon Berlin, de verfilming van de boeken van Volker Kutscher over een rechercheur in Berlijn eind jaren 20.

"Veel mensen maken zich zorgen. Ze vinden dat de huidige politieke polarisering veel lijkt op wat er in de jaren 20 in Duitsland gebeurde: toen stonden links en rechts scherp tegenover elkaar, was er geweld op straat, bleek de overheid niet sterk genoeg om antidemocratische krachten te beteugelen. En het is zo dat met name rechts zich nu mobiliseert op een manier die we in onze tijden niet eerder zagen en die lijkt op wat er in de Weimar Republiek gebeurde."

Volgens de historicus is er geen reden om aan te nemen dat het weer de verkeerde kant uitgaat. Er zijn te veel verschillen met het Duitsland van 80, 90,100 jaar geleden.

"Rechts en extreemrechts gaan niet bewapend over straat. Dat was destijds wel anders. En ook anders dan toen heeft onze samenleving geen directe herinnering aan geweld, zoals destijds met de Grote Oorlog onder andere en de Spaanse Burgeroorlog. Dat is een gegeven dat de stap naar het gebruiken van geweld moeilijker maakt, het verlangen naar gewelddadige oplossingen dempt."

Bovendien is de economische crisis van een paar jaar geleden niet te vergelijken met de gigantische geldontwaarding in 1921 en 1923 en de crisis na de beurskrach in 1929, zegt Schönpflug. "Nee, ik merk dat er ook tegenwoordig juist op een positieve manier naar de jaren van na 1918 wordt gekeken. Toen werd namelijk ook de basis gelegd voor de democratische traditie in Duitsland, die tot nu toe sterker is gebleken dan de tegenkrachten."

Lessen

Het bewijs voor die herwaardering vormen de 250 tentoonstellingen, discussieavonden en herdenkingen de komende tijd in Berlijn alleen al. Daarbij gaat het niet zo zeer om stil te staan bij de vele doden, maar om lessen te leren uit het verleden.

"Dat is maar goed ook", benadrukt Schönpflug. "Maar er is meer nodig. Bijvoorbeeld in het onderwijs komen de jaren tussen de Eerste en de Tweede Wereldoorlog er bekaaid af. Dat moet veranderen. We moeten ons realiseren dat toen de basis is gelegd voor onze democratie."

STER Reclame