NOS

Tbc-diagnose bij kinderen wordt veel eenvoudiger

tijd van publicatie
Geschreven door
Rinke van den Brink
Redacteur gezondheidszorg

Een nieuwe eenvoudige test maakt het mogelijk om in een klein beetje poep aan te tonen of iemand tuberculose (tbc) heeft. De test is speciaal geschikt voor gebruik bij kinderen. Nu moeten die een zeer belastend onderzoek ondergaan dat alleen kan plaatsvinden in een ziekenhuis met een modern laboratorium.

De nieuwe poeptest is ontwikkeld door onderzoeker Petra de Haas van KNCV Tuberculosefonds. Ze heeft er drie jaar aan gewerkt. Voor de nieuwe tbc-test is maar een klein beetje poep nodig. Dat wordt met een bepaalde vloeistof in een apparaat gestopt dat lijkt op een eenvoudige espressomachine.

Ruim anderhalf uur later geeft dat apparaat, de GeneXpert, de diagnose wel of geen tuberculose. Bij de huidige methode met de maagsonde en het daaropvolgende lab-onderzoek laat de uitslag veel langer op zich wachten.

Te laat onderzoek

Bij jongeren en volwassenen wordt tbc aangetoond in sputum, slijm uit de luchtwegen. Jonge kinderen kunnen meestal geen slijm opgeven en uitspuwen. Daarom wordt er een sonde via de slokdarm of neus in hun maag gebracht om een beetje maaginhoud te verzamelen, die dan wordt onderzocht op tuberculose.

Omdat het onderzoek voor kleine kinderen zo belastend is, wordt het vaak niet of veel te laat uitgevoerd. Het gevolg is dat een eventuele behandeling te laat begint.

De Haas borduurde bij het ontwikkelen van de poeptest voort op een bestaande techniek. De GeneXpert kon met een dna-test in een sputummonster al vaststellen of iemand tuberculose heeft. Het apparaat is al in 2011 door de Wereldgezondheidsorganisatie aangewezen als voorkeurstestmethode om de diagnose tbc te stellen. Het apparaat is ook bruikbaar bij andere ziekten.

De Haas' idee om de test zo aan te passen dat die ook zou werken met poep, stuitte op veel scepsis en ongeloof. In poep zitten zo veel verschillende bacteriën dat het in de ogen van heel veel deskundigen niet zou lukken om daaruit bruikbaar dna van de tbc-bacterie te isoleren. Die zou volgens de sceptici te veel ingepakt zitten.

"Ze heeft doorgezet tegen alles en iedereen in", zegt KNCV-directeur Kitty van Weezenbeek. "En zie, het is haar gelukt."

De test is niet alleen bruikbaar om tuberculose aan te tonen. Hij geeft gelijktijdig ook aan of de aangetroffen tbc-bacterie ongevoelig is voor het veelgebruikte antibioticum rifampicine. Van Weezenbeek: "Als dat zo is heeft een patiënt multiresistente tuberculose. En dan moet je anders behandelen."

De poeptest is eerst op bruikbaarheid onderzocht in een laboratorium in Ethiopië. Een Franse farmaceut wilde de kwaliteit van zijn eigen tbc-test vergelijken met de test van KNCV. De ontwikkeling van de poeptest heeft KNCV ongeveer 10.000 euro gekost. In die van de Franse farmaceut zijn miljoenen geïnvesteerd. "Onze test kwam er veel beter uit", zegt Van Weezenbeek. "Daarom hebben de Fransen ons tot op heden verboden die gegevens te publiceren."

De Franse test bleek een betrouwbaarheid te hebben van 74 procent, de poeptest haalde 100 procent. Dat was in het laboratorium, maar ook in een klein onderzoek in patiëntjes in Indonesië bewees de poeptest zich. In een ziekenhuis in Bandung werden 36 kinderen met een verdenking op tuberculose op twee manieren getest: met behulp van sputum en met poep.

Van alle kinderen van wie het sputummonster positief was voor tuberculose, was het poepmonster dat ook. Maar van drie kinderen die een negatieve testuitslag hadden van het sputummonster, bleek in het poepmonster wel degelijk tuberculose aantoonbaar.

Hoe verder?

Op korte termijn gaat KNCV met geld van de Amerikaanse ontwikkelingshulporganisatie USAID de poeptest op grotere schaal inzetten in Indonesië en Ethiopië. Dat moet meer data opleveren. Het moet de WHO ervan overtuigen de richtlijnen zo aan te passen dat de poeptest in de nabije toekomst wereldwijd de standaardmethode wordt om kinderen op tuberculose te testen.

De GeneXpert is op steeds meer plekken aanwezig. In Nigeria zijn er bijvoorbeeld al honderden exemplaren van het apparaat in gebruik. Volgens Van Weezenbeek kost de GeneXpert ongeveer duizend euro en de patronen tien euro. "Die kosten worden voor arme landen vooral gedragen door internationale fondsen en goede doelen stichtingen."

STER Reclame