Archeologische topvondst: om je handen in te wassen of voor crematies

Provincie Zuid-Holland
Geschreven door
Mattijs van de Wiel
verslaggever

De vondst kwam in meer dan honderd stukjes tevoorschijn bij graafwerkzaamheden in Rijnsburg, bij Leiden. Archeologen zagen meteen dat ze iets bijzonders te pakken hadden. Op de stukjes brons, gevonden op zo'n 60 centimeter onder de grond, zat een mooi veren-reliëf. Ze stopten met graven en staken een groot blok zand eromheen uit, dat als geheel naar een gespecialiseerd lab ging. Daar werden alle stukjes voorzichtig uitgegraven en daarna 'aan elkaar gepuzzeld'. Wat er ontbrak werd opgevuld.

Het resultaat is vanaf vandaag te zien in het Rijksmuseum voor Oudheden in Leiden: een unieke laat-Romeinse vogelschaal uit de 3e eeuw. Van dit soort bronzen schalen zijn er maar een tiental gevonden in heel Europa, niet één heeft er zo'n vogelkop.

1/3De Romeinse schaal van dichtbij Provincie Zuid-Holland
2/3De vindplaats van de Romeinse schaal Provincie Zuid-Holland
3/3René Proos bij de Romeinse schaal Mattijs van de Wiel/NOS

Internationaal belang

Het is niet alleen vanwege de schoonheid en kunsthistorische waarde dat archeologen dit een "unieke topvondst van internationaal belang" noemen. De schaal vertelt ook een verhaal, waarmee een hiaat in de geschiedschrijving wordt opgevuld.

Archeoloog René Proos vermoedt dat de schaal halverwege de 3e eeuw in de buurt van Rome is gemaakt. De vogelkop wijst op het leger. Waarschijnlijk is hij gemaakt voor een hoge legerofficier of een diplomaat. De schaal werd toen gebruikt om de handen in te wassen.

Bij Leiden lag toen de noordelijkste grens van het Romeinse rijk. Mogelijk is de schaal geschonken aan een Germaans stamhoofd. Proos: "De loyaliteit van de wilde stammen aan de noordkant kon gekocht worden met goud of met sieraden of met bijzondere voorwerpen. En dit was toen een heel bijzonder voorwerp vanwege die kop."

Resten van crematies

Vanaf het jaar 260 trokken de Romeinen zich terug uit de Hollandse kuststreek. Waarom is niet duidelijk. En het is ook niet bekend wat er daarna gebeurde in dat gebied. Tot nu toe waren er amper aanwijzingen dat er na het jaar 300 nog mensen woonden. Maar deze vogelschaal levert daar bewijs voor. Hij is aan het begin van de vierde eeuw gebruikt. Niet om handen te wassen, maar om de resten van crematies in op te vangen. In de schaal zat de as van twee mannen en een vrouw.

Er lagen ook verbrand glas en brons in, en kammen gemaakt van hertengewei. Proos: "Dat was onderdeel van de rites, ze gaven dat aan de doden mee op de brandstapel als uitrusting voor het hiernamaals."

De kammen waren maar gedeeltelijk verbrand en daardoor konden ze precies worden gedateerd. En zo kon worden vastgesteld dat er rond 330 mensen leefden in de kuststreek bij Leiden, en dat ze daar ook hun doden cremeerden.

STER Reclame