Biomassa om CO2-uitstoot te verminderen: hoe kan dat duurzaam?

ANP
Geschreven door
Rosa Hofgärtner

In het huidige klimaatakkoord wordt er gerekend op een verdriedubbeling van het gebruik van biomassa. Kan Nederland dit wel waarmaken? Het Planbureau voor de Leefomgeving waarschuwt dat het wel om heel veel biomassa gaat en ook natuur- en milieuorganisaties maken zich zorgen.

Op dit moment gebruikt Nederland ongeveer 120 petajoule aan biomassa. Dat is bijna twee derde van alle schone energie in Nederland. Zonne- en windenergie hebben een veel kleiner aandeel. In de hoofdlijnen van het klimaatakkoord staan nog geen concrete cijfers, maar uit inschattingen blijkt dat de klimaattafels op minstens 400 petajoule rekenen om hun plannen uit te voeren.

Wat is biomassa precies?

Biomassa is biologisch materiaal, zoals hout, voedselresten en mest. Het kan een alternatief bieden voor fossiele brandstoffen; bijvoorbeeld voor het verwarmen van huizen, als brandstof voor transport en in plaats van olie en gas voor de industrie.

Biomassa wordt als een belangrijke optie gezien daar waar nog geen andere duurzame alternatieven beschikbaar zijn, zoals voor de zware industrie en de lucht- en scheepvaart.

"Maar zo veel biomassa is helemaal niet duurzaam beschikbaar", zegt Dorien Ackerman, hoofd communicatie van Natuur & Milieu. Biomassa heeft land nodig om op te groeien en dat kan de plek innemen van voedselproductie. Volgens Ackerman moeten er daarom goede afspraken gemaakt worden over de hoeveelheden biomassa en aan welke voorwaarden de biomassa moet voldoen. "Anders lopen we het risico dat we ons te rijk rekenen, terwijl we schade toebrengen aan mens en milieu."

Ze benadrukt dat het niet alleen om Nederlandse plannen gaat. "Als andere landen om ons heen ook meer biomassa willen gaan gebruiken om de klimaatdoelstellingen te halen, is er gewoon niet genoeg land." Daarbij wordt de biomassa die nodig is om de lucht- en zeevaart te verduurzamen nog niet meegerekend in het akkoord.

André Faaij, hoogleraar duurzame energiesystemen aan de Rijksuniversiteit Groningen, erkent dat de beschikbaarheid van biomassa inderdaad beperkt is, maar denkt dat nieuwe methoden dat wel op een duurzame manier kunnen vergroten. Door slimmer landgebruik kan de voedselproductie hetzelfde blijven en zal er toch meer biomassa worden geproduceerd, zegt hij. "Er is veel biomassa waar we nog geen gebruik van maken. We kunnen gft-afval beter inzamelen en bijvoorbeeld onbenut bermgras gaan gebruiken."

Ook het groeien van gras in plaats van graan in een rustjaar van een akker noemt Faaij als voorbeeld. "Gras voedt de bodem niet alleen beter. Het kan ook gesplitst worden in eiwitrijk veevoer en eiwitarme resten voor biobrandstof." De winst is dan hoger, terwijl er verder geen echte verandering is vergeleken met graan. Het overige deel kan volgens Faaij geïmporteerd worden uit andere Europese landen.

Hoogleraar André Faaij legt uit waarom gras goed is als biomassa:

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

Waarom is gras goed als biomassa?

Faaij maakt wel duidelijk dat de energietransitie om meer gaat dan biomassa. "De energietransitie is een grote opgave en het moet zo snel mogelijk gebeuren. Daarvoor hebben we én zonne- en windenergie, én het opslaan van CO2, én dus ook biomassa nodig."

Jarenlange discussie rond biomassa

Het gebruik van biomassa leidt al jaren tot veel discussie. Biomassa kan milieuvriendelijker zijn dan fossiele brandstoffen, maar dat ligt wel aan de manier hoe het verwerkt en geproduceerd wordt. Het verbranden van biomassa is in principe CO2-neutraal; bij verbranding stoot het de CO2 uit die de plant uit de lucht heeft gehaald om te groeien.

Toch wordt er bij het transporteren en verwerken van biomassa vaak wel CO2 uitgestoten. Nederland heeft bijvoorbeeld veel hout uit de Verenigde Staten en Canada geïmporteerd via schepen die op fossiele brandstof varen.

Ook is de manier van produceren van belang. Als er een bos gekapt wordt en dat vervolgens kaal wordt achtergelaten, is er geen sprake van duurzaam gebruik van biomassa. Daarom is het voor natuur- en milieuorganisaties zo belangrijk dat er duidelijke criteria komen in het akkoord.

Biobrandstof wordt nu nog vaak gemaakt van voedselgewassen, zoals maïs, soja of palmolie. Het grootschalige gebruik van landbouwgrond was deels de oorzaak van hogere voedselprijzen en heeft vaak geleid tot extra ontbossing in bijvoorbeeld Zuid-Amerika en Indonesië.

Er zijn ook manieren om biomassa te produceren waar helemaal geen land voor nodig is. Zeewier en microalgen zouden op zee kunnen groeien. Toch zijn deze technieken op de korte termijn nog onrealistisch, omdat ze nog ontwikkeld worden. Faaij: "Dat duurt misschien nog 15 jaar." Daarbij zegt Ackerman wel dat ook de productie van zeewier in de Noordzee grenzen kent, omdat het anders een negatief effect heeft op ander zeeleven.

Ook zou biomassa op een efficiëntere manier in energie omgezet kunnen worden door technologische ontwikkelingen, volgens Faaij. Ackerman ziet daar echter geen uitkomst in: "We kunnen ons geld beter steken in het verminderen van ons energieverbruik dan in het verbeteren van de technieken om biomassa te verwerken."

Eind deze maand komt het kabinet met een uitspraak over het akkoord.

STER Reclame