Een demonstrant bij een brandende barricade in de hoofdstad Port-au-Prince AFP

De regering van Haïti heeft het besluit om de subsidies op brandstof af te bouwen teruggedraaid na hevige rellen. Onder meer in de hoofdstad Port-au-Prince was het opnieuw onrustig na de eerder deze week aangekondigde prijsverhoging van 38 tot 50 procent voor benzine, diesel en kerosine.

Volgens premier Jack Guy Lafontant is de maatregel nodig om het begrotingstekort van de overheid aan te pakken. Haïti is een van de armste landen ter wereld waar corruptie en geweld wijdverbreid zijn en is veelal afhankelijk van geld uit het buitenland. Het afbouwen van de brandstofsubsidies was een van de afspraken die Haïti in februari maakte met het Internationaal Monetair Fonds (IMF), in ruil voor financiële hulp.

In reactie op de rellen maakte premier Lafontant vanavond bekend voorlopig af te zien van de afbouw van de brandstofsubsidies. Hij veroordeelde het geweld en het vandalisme.

Er werden straten gebarricadeerd, winkels geplunderd en auto's vernield. Er zijn onbevestigde berichten dat bij de ongeregeldheden zeven mensen zijn gedood.

Een journalist van het Amerikaanse persbureau AP zag hoe honderden mensen het Best Western Premiere hotel aanvielen in een van de rijkste buurten van de hoofdstad. De gasten moesten binnen blijven terwijl de stenen door de ruiten vlogen. Beveiligers namen posities in in het hotel, de demonstranten vernielden de hoofdingang waarna ze verder trokken.

Drie doden

De Amerikaanse luchtvaartmaatschappijen American Airlines en JetBlue hebben hun vluchten naar Haïti geschrapt vanwege de onrust. De ambassade van de VS heeft het personeel van de diplomatieke post en Amerikanen in het land geadviseerd een goed heenkomen te zoeken.

Ook vrijdag werd al gedemonstreerd op het eiland in de Caraïben, toen kwamen drie mensen om het leven.

STER reclame