Thom de Graaf ANP

Met de benoeming van Thom de Graaf als vicepresident van de Raad van State heeft het kabinet gekozen voor een D66'er in hart en nieren, die heel veel verschillende functies in het openbaar bestuur heeft vervuld.

Het vicepresidentschap van de Raad van State geldt voor D66 als een 'hoofdprijs'. De partij heeft eerder wel ministers en staatssecretarissen geleverd, maar bijvoorbeeld nog nooit een burgemeester van een van de grote steden en al helemaal niet de 'onderkoning' van Nederland. Tijdens de formatie van vorig jaar is de naam van De Graaf al over tafel gegaan.

De Graaf (61) is nu voorzitter van de Vereniging Hogescholen. Ook leidt hij de D66-fractie in de Eerste Kamer.

Staatsrecht

Thom de Graaf studeerde rechten in Nijmegen en werkte daar als wetenschappelijk medewerker staatsrecht. Daarna was hij ambtenaar bij het ministerie van Binnenlandse Zaken, onder meer bij de directie politie.

Zijn ambtelijke loopbaan combineerde hij met het D66-lidmaatschap van de gemeenteraad in Leiden.

IRT-enquête

De Graaf maakte zijn entree in de landelijke politiek in 1994. Hij kwam toen voor D66 in de Tweede Kamer. Hij maakte snel naam als deskundig lid van de enquêtecommissie IRT, die onderzoek deed naar de opsporingsmethoden van justitie en politie.

Voor de volgende verkiezingen, in 1998, was De Graaf in beeld als lijsttrekker van zijn partij, maar de partijtop vond dat hij nog even moest 'rijpen' en koos voor de meer ervaren Els Borst. Vanaf 1997 was De Graaf fractievoorzitter en in 2002 in 2003 was hij lijsttrekker.

Vicepremier en minister

Na de voor D66 teleurstellend verlopen verkiezingen in 2003 stapte hij op als partijleider, maar korte tijd later kwam hij terug op een voor de partij belangrijke positie: behalve vicepremier werd hij minister voor Bestuurlijke Vernieuwing in het tweede kabinet-Balkenende.

Op die post hoopte De Graaf stappen te kunnen zetten om de 'kroonjuwelen' van D66 binnen te halen. Zo kwam hij met een voorstel om bij de Tweede Kamerverkiezingen kiezers zowel een landelijke als een regionale stem te laten uitbrengen.

Ook diende hij een wetsontwerp in voor een gekozen burgemeester. Toen de Eerste Kamer de wijziging van de grondwet verwierp, die nodig was om de gekozen burgemeester mogelijk te maken, stapte De Graaf teleurgesteld op. Na een paar dagen crisissfeer werd hij als vicepremier en minister opgevolgd door de huidige partijleider, Alexander Pechtold.

Burgemeester van Nijmegen

Begin 2007 werd De Graaf burgemeester van Nijmegen. Dat was om verschillende redenen pikant. Sommigen namen het De Graaf kwalijk dat hij zich door de Kroon liet benoemen, terwijl hij zelf fervent voorstander van de gekozen burgemeester was.

De Graaf verweerde zich daartegen door te zeggen dat die twee dingen best samen konden gaan en dat er op dat moment nu eenmaal geen gekozen burgemeester was. Een ander opvallend aspect aan de benoeming van De Graaf was dat hij in de voetsporen van zijn vader trad: ook die was burgemeester van Nijmegen geweest.

Als burgemeester profileerde De Graaf Nijmegen als oudste stad van Nederland en hij zette in op versterking van de kenniseconomie. Hij voelde zich oprecht betrokken bij de stad. Maar van hem werd ook gezegd dat hij zich meer thuis voelde in een academisch milieu dan dat hij een echte burgervader was.

Onverwacht maakte De Graaf in 2012 de overstap naar de HBO-raad, die later Vereniging Hogescholen ging heten. Al als burgemeester werd hij lid van de Eerste Kamer en dat is hij nog steeds, sinds 2015 ook als fractievoorzitter van D66.

STER reclame