Jean-Marc van Tol Jeroen Visser

"Johan de Witt was de Barack Obama van zijn tijd", durft Jean-Marc van Tol te stellen. "De machtigste man van Europa, een talentvolle, briljante geest, die in staat was andere mensen te overtuigen van zijn gelijk. Door de Engelsen werd hij King John genoemd, omdat hij een soort koning, minister-president en minister van Buitenlandse Zaken ineen was. Hij kon bijna niet van zijn troon worden gestoten."

Van Tol heeft een trilogie nodig om uit te leggen hoe De Witt zo machtig kon worden en hoe hij uiteindelijk toch alles verloor. Het eerste deel is nu verschenen: een historische roman van ruim 500 bladzijden over het jaar 1650, een waterscheiding in het leven van De Witt. Getiteld Musch, omdat de toekomstige raadpensionaris op dat moment nog slechts een bijrol speelt in de geschiedenis.

1650 zou een onverwacht keerpunt blijken in het prille bestaan van de Republiek en het leven van De Witt. De Tachtigjarige Oorlog was afgelopen en er ontstonden breuklijnen in het verenigde front van de Nederlanden. De zeven provinciën ruzieden over de toekomst en de Oranjes wedijverden met de regenten om de macht. De plotselinge dood van de 24-jarige stadhouder Willem II zou de balans laten doorslaan naar het Eerste Stadhouderloze Tijdperk (1650-1672), waarin De Witt snel carrière maakte.

"Het overlijden van Willem II is een omwenteling geweest in de geschiedenis van de Republiek", legt Van Tol uit. "Als hij was blijven leven, was hij waarschijnlijk de eerste koning van Nederland geworden. Hij wilde samen met Frankrijk Spanje aanvallen, en dan was België bij Nederland gekomen. Als die oorlog was gewonnen, wilden ze Cromwell uit Engeland verdrijven om zijn zwager Karel II op de troon te zetten. Als Willem II was blijven leven, dan was hij de grootste prins van Europa geworden."

Zijn overlijden veranderde alles. Zijn zoon werd acht dagen later geboren, dus een daadkrachtig opvolger ontbrak. De regenten die de prins had geschoffeerd (onder wie de vader van Johan de Witt) konden hun macht consolideren en de Oranjes op een zijspoor zetten. "Het is heel snel gegaan. De Oranjes zagen het niet eens aankomen. Ze dachten in het zadel te zitten en een maand later is alles weg."

Het was een soort 'House of Cards'.

Jean-Marc van Tol over zijn hoofdpersoon Cornelis Musch

Van Tol beschrijft de roerige periode door de ogen van Cornelis Musch, als griffier van de Staten-Generaal en adviseur van Willem II een van de machtigste mannen in het land. "Wie iets wilde bereiken in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden kon niet om Musch heen", typeert de schrijver hem. En rekestranten konden beter een zak met geld meenemen, want Musch stond bekend om zijn corruptie. "Het was een soort House of Cards, met Musch als chief whip. Hij wilde de adviseur van de koning worden, zodat hij ongezien alle macht naar zich toe kon trekken."

"Musch is een fijn figuur, die je mooi kunt spiegelen met wat Johan de Witt niet was. Musch is corrupt, pakt smeergeld aan en probeert mensen op voor hem gunstige plekken te krijgen. De Witt stond bekend als onomkoopbaar. Er zijn van hem juist brieven dat hij een gans of een vat wijn krijgt en dat terugstuurt. Leuk om dat naast elkaar te zetten."

'Een literair spel'

Om dat op feiten gebaseerde verhaal te vertellen gebruikt Van Tol een opvallende hybride vorm: bestaande bronnen uit de 17e eeuw vult hij aan met zijn eigen teksten. "Het is een literair spel dat ik speel. Bijna alle brieven die erin staan zijn authentiek, ook de berijmde memoires van Jacob Cats zitten er vertaald in. En er komen pamfletten in voor, die kun je nog vinden op veilingen. Maar de dagboeken van graaf Willem Frederik heb ik gereconstrueerd. Die zijn ooit uitgegeven, maar het jaar 1650 ontbreekt. Ik heb aan de hand van die andere dagboeken nieuwe fragmenten gereconstrueerd. Het zijn zijn woorden, alleen dus wel naar mijn verhaal gekneed. En het Gedenkschrift van Cornelis Musch heeft helemaal nooit bestaan, dat heb ik zelf bedacht."

Johan de Witt publiek domein

Opvallend genoeg had Van Tol moeite zijn hoofdpersoon De Witt te benaderen, wiens verhaal in traditionele romanvorm wordt verteld. "Ik hou hem een beetje oppervlakkig. Je komt weinig te weten over zijn emotie, omdat ik dat ook werkelijk niet weet, zelfs niet na al die jaren dat ik met hem bezig ben", erkent Van Tol.

"Hij heeft duizenden brieven geschreven, maar hij blijft altijd heel beleefd, vormelijk, weinig emotie. Johan praat altijd in de u-vorm, zelfs tegen zijn broer of kinderen. Ik vermoed dat hij heel goed doorhad dat zijn brieven werden meegelezen."

"Een vriend van mij stelde voor om meer in het boek te stoppen: laat hem verliefd worden, of domme studentendingen doen zoals een duel. Dat kun je doen als romanschrijver, maar daarvoor ben ik dan toch iets te veel wetenschapper. Dus heb ik ervoor gekozen hem een beetje blank te laten."

"Ik veroorloof me enige vrijheid, maar het is altijd mijn bedoeling geweest om een versie van de werkelijkheid neer te zetten die heel dicht bij het echte verhaal komt", redeneert Van Tol. "Ik wil dat lezers kunnen meedenken met de personages, en zelfs Musch niet meer helemaal als grote schurk kunnen zien. Je probeert de lezer te overtuigen van jouw inzichten. Dat is eigenlijk niet alleen wat romanschrijvers doen, maar ook historici. Iedere generatie schrijft zijn eigen geschiedenis."

STER reclame