Britten willen beter contact met ex-koloniën, maar verleden knelt

Aangepast
Leiders van landen van het Gemenebest EPA

De regering van premier Theresa May is mede met het oog op de komende brexit bezig om de banden met de landen van het Britse Gemenebest aan te halen, maar die pogingen worden overschaduwd door een schandaal rond Britse burgers uit voormalige koloniën.

De zaak is bekend geworden als het 'Windrush-schandaal' en is genoemd naar een van de schepen waarmee na de Tweede Wereldoorlog inwoners van Britse koloniën, zoals Jamaica, naar Engeland werden vervoerd om daar het tekort aan arbeiders aan te vullen.

Tweederangs burgers

Tussen 1948 en 1971 zijn duizenden overzeese Britten op deze manier in het Verenigd Koninkrijk terechtgekomen. Daar kregen velen van hen te maken met discriminatie door autochtone Britten, die hen als tweederangs burgers beschouwden.

De strengere regelgeving die premier May invoerde als minister van Binnenlandse Zaken in 2010 bezorgde de overzeese Britten opnieuw problemen. Volgens die regels - bedoeld om illegale immigratie tegen te gaan - moesten zij na tientallen jaren alsnog bewijzen dat ze Brits staatsburger zijn. Velen konden dat niet en dat leidde tot schrijnende situaties.

Mensen werden geweigerd in ziekenhuizen of mochten Groot-Brittannië niet meer in nadat ze in hun land van herkomst een familielid hadden begraven. Zeker 120 mensen die meer dan vijftig jaar geleden vanuit de Caraïben naar Engeland waren gekomen zouden tot ongewenst vreemdeling zijn verklaard.

Aanhankelijkheidsbetuigingen

De publiciteit leidde tot verontwaardiging over de behandeling van de overzeese Britten, die een groot aandeel hadden in de wederopbouw van Groot-Brittannië na de Tweede Wereldoorlog. Premier May heeft zich uitgeput in excuses en aanhankelijkheidsbetuigingen. "Deze mensen zijn Brits", zei ze deze week nog in het Lagerhuis.

Op een tweejaarlijkse bijeenkomst van de 52 voormalige koloniën die ooit samen met Groot-Brittannië het Britse Rijk vormden en die nu het Gemenebest zijn, klonk kritiek, onder meer van de premier van Jamaica. Pijnlijk voor May, die het Gemenebest wil omvormen van een veredelde praatclub die sportwedstrijden organiseert tot een groep landen die handelsverdragen afsluit en zo tegenwicht kan bieden aan economische blokken zoals de Europese Unie.

Brexit

Op dit moment gaat nog geen 10 procent van de Britse export naar landen van het Gemenebest, terwijl bijna de helft naar EU-landen gaat. Londen wil daar verandering in brengen, mede gedwongen door de brexit.

Onder de leden van het Gemenebest zijn kleine landen zoals Kiribati en de Salomonseilande,n maar ook grote spelers als Nigeria, Australië, India en Pakistan. De vraag is of May deze landen op een lijn kan krijgen, want de belangen lopen vaak niet parallel. Er is zelfs onenigheid over de vraag of prins Charles nog wel het hoofd van het Gemenebest moet worden als opvolger van zijn moeder, koningin Elizabeth.