Groot deel inlichtingenwet onbekend bij kiezer

Aangepast
ANP
Geschreven door
Joost Schellevis en Roselien Herderschee

Veertig procent van de Nederlanders weet niet dat de nieuwe Inlichtingenwet regelt dat inlichtingendiensten op grotere schaal, ongericht mogen aftappen. Dat blijkt uit onderzoek van onderzoeksbureau I&O Research, op verzoek van de NOS.

Het resultaat is best opvallend, aangezien het uitbreiden van de tapbevoegdheden een van de meest bediscussieerde onderdelen van de wet is. Nog minder mensen zijn ermee bekend dat er ook veel andere bevoegdheden in de wet geregeld zijn, zoals de aanleg van een dna-database.

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

Wie weet waar WIV over gaat

Toch vindt twee derde van de ondervraagden zichzelf (redelijk) goed op de hoogte van de nieuwe wet. "Maar als je doorvraagt, zie je dat de bekendheid met onderdelen van de wet duidelijk kleiner is", zegt Laurens Klein Kranenburg van I&O Research. Mogelijk overschatten mensen hun kennis. "Dat is een onbewust proces."

Toezicht

In de nieuwe wet is ook geregeld dat er meer toezicht komt op de geheime diensten. Daarvan is iets meer dan de helft van de ondervraagden op de hoogte. Er komt een speciale commissie die toestemming moet geven voordat de diensten mogen aftappen of hacken. Dat komt boven op de toestemming van de minister, die al langer vereist was.

De commissie weegt mee of tappen of hacken echt wel nodig is, maar ook of er geen lichter middel voorhanden is. Als de diensten met een minder grote privacy-inbreuk iets kunnen bereiken, moeten ze die methode gebruiken.

Meer hacken

In de nieuwe wet staat ook dat de inlichtingen- en veiligheidsdiensten vaker mogen hacken. Dat de geheime diensten dat straks mogen, weten zes op de tien de ondervraagden niet.

De diensten mogen straks zogenoemde derden hacken: mensen die niets fout hebben gedaan, mogen dan worden gehackt om toegang te krijgen tot een doelwit van de geheime dienst. Denk aan een huisgenoot of collega. Op diens apparaat mogen ze dan inbreken.

Volgens de geheime diensten is dat nodig omdat doelwitten - zoals mogelijke terroristen of spionnen van buitenlandse inlichtingendiensten - hun beveiliging vaak wel op orde hebben, omdat ze weten dat ze mogelijk doelwit kunnen worden.

Delen

Dat de geheime diensten een database met dna-materiaal mogen opzetten, is bij ongeveer evenveel kiezers onbekend. Daarmee moeten bijvoorbeeld terroristen worden geïdentificeerd, maar volgens critici zijn er te weinig privacywaarborgen. Het is overigens niet zo dat iedereen zijn of haar dna zonder meer wordt bewaard. Daarvoor moet wel een aanleiding zijn. Volgens het ministerie van Binnenlandse Zaken gaat het om enkele tientallen profielen.

De belangrijkste punten van de Wiv komen voorbij in deze video:

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

Wat moet je weten over de nieuwe inlichtingenwet?

Dat door de AIVD en MIVD verzamelde informatie mag worden gedeeld met buitenlandse veiligheidsdiensten, zonder dat die informatie is bekeken, weten zeven op de tien ondervraagden niet. Critici vrezen dat gegevens van onschuldige burgers onbedoeld terechtkomen in andere landen.

Het delen van zogenoemde ongeverifieerde bulkgegevens mag nu ook al, maar omdat de inlichtingen- en veiligheidsdiensten meer data mogen verzamelen, hebben critici privacyzorgen. Daar staat tegenover dat in de wet staat dat de diensten rekening moeten houden met de mensenrechtensituatie in een land, net als het democratisch gehalte, voordat er data worden gedeeld.

Succesvol frame

Dat het zo vaak over aftappen gaat, beperkt de discussie over één onderdeel van de wet, zegt Constant Hijzen van de Universiteit Leiden. Hij doet onderzoek naar de inbedding van geheime diensten in de samenleving. "Het is ten dele onontkoombaar, maar de wet gaat over nog véél meer dingen, die nu niet worden besproken", aldus Hijzen.

De focus op aftappen kan volgens hem worden verklaard door het succesvolle frame van de tegenstanders. "Die hebben het over een sleepnet." Volgens de tegenstanders komt de mogelijkheid om op grotere schaal af te tappen daar namelijk op neer: zij vrezen dat informatie van onschuldige burgers wordt afgetapt en in een 'sleepnet' terechtkomt.

De inlichtingenwet is een complex onderwerp met veel facetten, terwijl een 'sleepnet' instinctief te begrijpen is. "Van dat woord gaat iets ongerichts uit. Het wordt daardoor moeilijk om aan de wet te denken zonder aan het sleepnet te denken", aldus Hijzen.

Sleepnet

Ton Siedsma van Bits of Freedom, een van de eerste organisaties die het woord 'sleepnet' gebruikten, vindt het terecht dat het zo vaak over aftappen gaat. "Het is een hele controversieel punt van de wet, en wat ons betreft een van de grootste pijnpunten", zegt Siedsma.

Desondanks probeert de organisatie ook andere 'zorgpunten' onder de aandacht te brengen. "We maken ons ook zorgen over het hacken van derden en het delen van data met buitenlandse diensten", aldus de privacystrijder.

Op 21 maart mag via een raadgevend referendum gestemd worden over de nieuwe Inlichtingenwet, de Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (WIV), of door tegenstanders ook wel de 'sleepwet' genoemd. Dat referendum vindt gelijktijdig plaats met de gemeenteraadsverkiezingen.

Opvallend is dat vier op de tien ondervraagden denken dat de inlichtingendiensten straks mensen mogen arresteren. Dat is niet zo. Slechts drie op de tien ondervraagden weten aan te geven dat dat niet klopt.

Vier op de tien mensen die zeggen (goed) op te hoogte zijn van wat er in de nieuwe wet geregeld wordt, denken toch dat de wet die bevoegdheid toedicht aan de inlichtingendiensten. "Ook dit geeft aan dat mensen die zeggen goed op de hoogte te zijn van wat de nieuwe wet regelt, dat toch niet heel precies weten als het getoetst wordt en waarschijnlijk voor een deel gokken", zegt Klein Kranenburg.

STER Reclame