Stoffelijke resten van Armeense slachtoffers in de Eerste Wereldoorlog EPA
NOS Nieuws Politiek Aangepast

Kabinetslid naar herdenking Armeense genocide in Jerevan

Het kabinet zal in april in Jerevan aanwezig zijn bij de herdenking van de genocide door Turken op Armeniërs. Het is de eerste keer dat een bewindspersoon de plechtigheid bijwoont. Minister Kaag van Buitenlandse Zaken zei in de Tweede Kamer dat de aanwezigheid niet betekent dat het kabinet een uitspraak doet over de vraag of er sprake was van genocide.

Volgens haar gaat het om het op een waardige manier tonen van respect "voor de verschrikkelijke gebeurtenissen van 1915". Kaag vergeleek het bijwonen van de plechtigheid door een lid van het kabinet met de aanwezigheid van bewindspersonen bij de herdenking van het Nederlandse slavernijverleden.

Met de toezegging komt het kabinet tegemoet aan een oproep van een grote meerderheid in de Kamer, aangevoerd door ChristenUnie-Kamerlid Voordewind. De Kamer sprak ook met zoveel woorden uit dat de massamoord op de Armeniërs in 1915 wordt erkend als genocide. Dat is in 2004 ook al eens gebeurd, maar toen op een meer indirecte manier.

Verzoening

De precieze benaming ligt al jaren erg gevoelig. Turkije heeft grote bezwaren tegen het gebruik van de term 'genocide'. Volgens de Kamer is de erkenning een eerste stap naar verzoening. "Als we het verdriet uit het verleden niet wegnemen, komen we ook nooit toe aan de gewenste verzoening. Dan zal het conflict tussen Turkije en Armenië nooit verdwijnen", zei D66-Kamerlid Sjoerdsma.

De Kamer vroeg het kabinet niet om de kwalificatie genocide over te nemen. Kaag zei daarover dat zij het over "de kwestie van de Armeense genocide" blijft hebben. Zij benadrukte dat er geen bindende resolutie van de VN-Veiligheidsraad is waarin van de Armeense genocide wordt gesproken en ook geen uitspraak van een internationaal gerechtshof.

Volgens haar wil het kabinet voorzichtig zijn met het toepassen van het begrip genocide op het verleden. "Het blijft wel heel duidelijk voor het kabinet dat een grootschalige moordpartij heeft plaatsgevonden."

Fopspeen

PVV-Kamerlid De Roon noemde de gang van zaken een fopspeen. Volgens hem is het hypocriet en kortzichtig om naar de herdenking van een genocide te gaan, terwijl het kabinet die genocide zelf niet erkent. De PVV zei dat het ook belachelijk zou zijn als de Tweede Kamer het heeft over de Holocaust, terwijl het kabinet het de kwestie van de Holocaust noemt.

Denk ziet niets in de erkenning en in de aanwezigheid bij de plechtigheid in Jerevan. Volgens Denk-leider Kuzu moeten politici niet op de stoel van historici gaan zitten en is er geen eenduidig oordeel over de precieze kwalificatie van de gebeurtenissen in 1915. Volgens hem is er een blinde vlek voor de slachtoffers aan Turkse kant en was er sprake van een burgeroorlog.

STER reclame