Nico ter Linden in 2003 Hollandse Hoogte

Amsterdamse predikant Nico ter Linden overleden

time icon Aangepast

De vrijzinnige Amsterdamse predikant Nico ter Linden is afgelopen weekend overleden. De 81-jarige Ter Linden was al geruime tijd ziek. Hij was vanaf halverwege jaren 70 bijna twintig jaar de voorganger van de protestantse Westerkerk in Amsterdam.

Behalve predikant was hij columnist bij dagblad Trouw en schrijver. Ter Linden schreef onder meer de zesdelige serie Het verhaal gaat..., een hervertelling van de bijbel. waarvan meer dan een half miljoen exemplaren werden verkocht. Voor kinderen maakte hij de bijbelse hervertelling Koning op een ezel. Ook maakte hij het televisieprogramma Op verhaal komen in de Wester voor de NCRV.

Deze browser wordt niet ondersteund voor het spelen van video. Update uw browser naar Internet Explorer 10 of hoger om video af te kunnen spelen.

Predikant Nico ter Linden (Het verhaal gaat) overleden

Net als zijn oudere broer Carel, de hofpredikant van het Koninklijk Huis, had hij goede banden met de Oranjes. Hij zegende in 1998 het huwelijk in van prins Maurits en Marilène van den Broek en doopte hun kinderen.

Majesteit, nu ik u toch spreek

De Ter Lindes kwamen uit een elitair, hervormd patriciërsmilieu. Hun beide opa's waren predikant en hun grootvader van moeders zijde, dominee Ledeboer, kwam bij koningin Wilhelmina over de vloer. Aan het Historisch Nieuwsblad vertelde Nico dat Ledeboer een actieve rol speelde in de drankbestrijding. Op een gegeven moment "werd hij ontboden" bij koningin Wilhelmina. Volgens Nico ter Linden deed hij toen het voorstel ('Majesteit, nu ik u toch spreek...") om het hele paleis droog te leggen om zo het goede voorbeeld te geven.

De oude Ledeboer speelde ook nog een rol bij de opvoeding van de jongens. Hij nam ze bijvoorbeeld mee naar een restaurant, waar hij hen 'ingewikkeld' leerde eten en hen verbeterde als ze woorden gebruikten die in de betere kringen ongewenst waren, zoals op vakantie of smakelijk eten. En hij leerde je dat je je mond moest afvegen voordat je een slok wijn nam, want anders kreeg je vlekken op het glas. "Niet dat we bij die gelegenheden wijn dronken natuurlijk, want hij was nog altijd geheelonthouder."

Vader is verdrietig

Ter Lindes vader was jurist en was van 1945 tot zijn pensioen als secretaris van de bouwcommissie van de Nederlandse Hervormde Kerk verantwoordelijk voor de bouw, het onderhoud en het herstel van kerkgebouwen. Hij was volgens Nico niet overdreven vroom, maar was wel verdrietig toen Nico op zondag ging voetballen en maakte ook duidelijk dat het niet de bedoeling was dat de jongens met een katholiek meisje thuis zouden komen.

Nico, die gebukt ging onder de hoge verwachtingen van zijn ouders, deed negen jaar over het gymnasium en ontdekte in militaire dienst tot zijn verrassing dat hij predikant wilde worden. Omdat hij zich in die "vreselijke, stupide soldatenwereld" als keurige Haagse jongen ontheemd voelde, zocht hij steun bij een legerpredikant. Ter Linden vond dat hij wel hetzelfde talent had als die predikant: "Je moest origineel zijn, je moest kunnen voordragen, het leuk vinden om te schrijven, van mensen houden."

Studentikoos isolement

In zijn studententijd in Utrecht leefde Ter Linden in het studentikoze isolement van de corpswereld. Maatschappelijke ontwikkelingen, zoals de zwarte burgerrechtenbeweging van Martin Luther King in de VS, gingen aan hem voorbij. Hij speelde toneel met prinses Irene, die ook in Utrecht studeerde, en leerde koningin Juliana kennen.

Toen Ter Linden al predikant was, ging hij godsdienstpsychologie studeren. Pas in die tijd gingen zijn ogen voor de wereld open. Hij ontwikkelde een vrijzinnig geloof. De hemel bestond volgens Ter Linden alleen in de fantasie en dat Jezus Gods zoon was en uit de dood was opgestaan, moest alleen als metafoor gezien worden.

Dit beeld gebruikte hij ook in zijn boeken. Het hervormde kerkvolk morde en vond dat hij het geloof verkwanselde. Maar in de Westerkerk in Amsterdam was hij populair. Hij trok vooral Amsterdammers uit de betere kringen, die het geloof van huis uit hadden meegekregen, maar net als hun voorganger aan alles waren gaan twijfelen.

Godsbeelden zijn persoonlijke projecties

In een interview in 2006 in Trouw over de tien geboden, legde hij uit wat het christelijke geloof voor hem betekende. Op de vraag of hij een beeld van God heeft, antwoordde Ter Linden: "Ik weet heus wel dat God geen herder, rechter of vader is, maar ik houd nu eenmaal van die beelden. Anders dan in plaatjes kan ik mij niks verbeelden."

Hij erkende dat zijn godsbeelden persoonlijke projecties zijn, beelden ook die elkaar relativeren. "Hij wreekt en Hij vergeeft. Hij is streng en Hij is mild."

Ieder mens draagt een ontzagwekkende grandeur en een even fascinerende, nederig-, walgelijk makende misère in zich.

Nice ter Linden

Nico ter Linden vond dat er in de eredienst "nog maar weinig huiver was voor God", onder meer doordat gebeden min of meer uit de losse pols werden uitgesproken, zonder dat de woorden waren gewogen. "En dan die schriftlezingen. Je hoort ze hun tekstje zeggen alsof het de krant is. Ik durf te wedden dat dan iedere kerkganger denkt dat Jezus water in wijn heeft veranderd. Niemand die doorheeft dat die voorganger bezig is een prachtige mythe - met oeroude wijsheid erin - te vertellen."

Volgens Ter Linden maakt een voorganger die zo te werk gaat misbruik van Gods naam door plat te vertellen.

Ketter en antichrist

In het interview met Trouw zei Ter Linden verder dat hij "voorbeeldig in de wereld is gezet en toch te kampen heeft met een ziel waarin het kolkt en draait en wentelt en chaotisch is". "Ieder mens draagt een ontzagwekkende grandeur en een even fascinerende, nederig-, walgelijk makende misère in zich."

Om zijn uitleg van de bijbel is hij uitgemaakt voor een ketter en de antichrist, "en dat was niet altijd even lollig". Maar Ter Linden erkende dat predikanten de hand in eigen boezem moeten steken.

"Wat we theologisch al ruim een eeuw weten, komt nog steeds niet, of gebrekkig, op de kansels door." Hij vond zichzelf geen revolutionair die het het oude, vertrouwde geloof bij het vuil zet. "Mijn theologie is mainstream-theologie en ik doe een bescheiden poging de stagnerende geloofsoverdracht - tot op zekere hoogte een taalkwestie - uit het slop te halen."

STER Reclame