Van Vollenhoven wil aparte instantie laten kijken naar #metoo-beschuldigingen

Aangepast
Pieter van Vollenhoven Nieuwsuur

Erevoorzitter Pieter van Vollenhoven van het Fonds Slachtofferhulp vindt dat er een aparte instantie moet komen die beschuldigingen van seksuele intimidatie onderzoekt.

Bij RTL Nieuwszegt hij dat dit soort beschuldigingen eerst moeten worden onderzocht voor ze in de publiciteit komen. "Die misstanden moeten kunnen worden doorgegeven aan een instantie die kan onderzoeken of het waar is of dat het om een onjuist bericht gaat."

De oud-voorzitter van de Onderzoeksraad voor Veiligheid trekt de vergelijking met het Huis voor klokkenluiders, waar advies gegeven wordt aan mensen die misstanden willen melden. "Daar wordt immers ook onderzocht om wat voor soort bericht het gaat. En die misstanden - als daar sprake van is - moeten worden aangepakt, alsmede de onjuiste berichten."

Verwijderde tweet

Van Vollenhoven stuurde gisteren een tweet de wereld in, die hij na kritiek op de sociale media weer verwijderde. "Kun je als man een vrouw nog een hand geven of valt dat onder het hoofdstuk ongewenste #intimiteiten. Ik denk dat dat een grensgeval is!?"

Hij zegt tegen RTL dat hij met deze tweet aandacht wilde vragen voor de mogelijkheid dat er mensen onterecht beschuldigd worden.

Instantie niet nodig

Iva Bicanic, landelijk coördinator van het Centrum Seksueel Geweld, noemt in reactie op het voorstel van Van Vollenhoven een speciale instantie voor het onderzoeken van beschuldigingen niet nodig. "Daar is de nationale politie voor", zegt ze tegen de NOS.

"Een zedenslachtoffer dat aangifte doet, heeft het recht om haar of zijn klacht correct behandeld en onderzocht te zien. Dit heeft niet alleen een juridische, maar ook een sterk symbolische waarde", aldus Bicanic.

'Fors meer meldingen'

Zedenrechercheurs hebben het intussen druk met meldingen van seksuele intimidatie en misbruik. Door alle aandacht voor #metoo is het aantal meldingen van verkrachting of seksueel misbruik de afgelopen weken fors toegenomen, zegt voorzitter Struijs van de politievakbond NPB in EenVandaag.

De meldingen gaan over uiteenlopende zaken, zegt hij na signalen van rechercheurs. "Van mensen die lastig zijn gevallen op hun werk tot aan verkrachtingen. Dit is echt de laatste weken allemaal losgekomen." Struijs pleit voor meer recherchecapaciteit, "omdat er nu al veel te veel meldingen op de plank blijven liggen."

Een politiewoordvoerder laat weten dat er "cijfermatig geen onderbouwing" is voor de beweringen van de NPB, zowel wat betreft het aantal meldingen als het aantal aangiften. "We hebben de laatste jaren juist veel achterstanden weggewerkt. 80 procent van alle aangiften wordt binnen zes maanden ingestuurd bij het Openbaar Ministerie."

Informatief gesprek

Wie aangifte wil doen van seksueel ongewenst gedrag, krijgt bij de politie eerst een gesprek met een zedenrechercheur. In zo'n 'informatief gesprek' krijgen mensen het advies om nog even na te denken of ze wel of geen aangifte willen doen.

"Niet om ze te ontmoedigen, maar om ze bewust te maken van de negatieve gevolgen", zegt een politiewoordvoerder. "Zoals dat alles tot in de kleinste details besproken moet worden en dat er een lichamelijk onderzoek bij zit dat heel ingrijpend is. Ook kan het strafrechtelijke proces maar doorslepen en doorslepen, als een dader in beroep gaat."

Uit een enquête van de Landelijke Vereniging Vertrouwenspersonen (LVV) - die in handen is van RTL - onder 300 vertrouwenspersonen blijkt dat 80 procent van de mensen die hun verhaal bij de LVV hebben gemeld vervolgens geen klacht indient. De LVV hoopt dat de minister van Sociale Zaken maatregelen gaat nemen zodat slachtoffers dat sneller durven doen.

Volgens het ministerie van Sociale Zaken zijn er reeds de nodige regels en protocollen over ongewenst gedrag op de werkvloer in gebruik. Wel laat het ministerie weten dat het de oproep van de LVV heeft gehoord en bereid is in gesprek te gaan.

STER Reclame