'Oud-aanklager Internationaal Strafhof beschermde cliënt tegen hof'

Luis Moreno Ocampo AFP

De Argentijnse oud-hoofdaanklager van het Internationaal Strafhof in Den Haag, Luis Moreno Ocampo, heeft na zijn vertrek bij het hof een Libische oliemiljardair geholpen uit handen van datzelfde hof te blijven, schrijft NRC. De krant baseert zich op een groot aantal documenten die in handen zijn van de Franse onderzoekssite Médiapart.

Ocampo, die tegenwoordig werkt als advocaat en consultant, werd in 2015 als adviseur ingehuurd door de Libische miljardair Hassan Tatanaki, die een goede bekende is van de familie van oud-dictator Kadhafi.

Tatanaki zou Ocampo in drie jaar tijd een miljoen euro per jaar gaan betalen, plus een dagvergoeding van duizenden euro's. Hij wilde bewijzen van oorlogsmisdaden in Libië verzamelen voor het Strafhof, en tegelijk zichzelf en bevriende krijgsheren uit de wind houden.

Een medewerker van het Strafhof zou Ocampo hebben gewaarschuwd voor zijn cliënt, maar in een gesprek met Der Spiegel ontkent Ocampo dat. Volgens hem beëindigde Tatanaki de samenwerking na enkele maanden. In de documenten wordt wel geciteerd uit een e-mail waarin Ocampo een plan beraamde om Tatanaki en krijgsheren uit zijn omgeving uit handen van het Strafhof te houden.

Brievenbusfirma's

Uit de documenten van Médiapart blijkt verder dat Ocampo en zijn vrouw verschillende brievenbusfirma's in belastingparadijzen hadden in de negen jaar dat Ocampo hoofdaanklager was. Hij zou dat altijd goed geheim hebben gehouden.

Ocampo ontkent dat niet, maar vindt dat hij niets verkeerd heeft gedaan. Hij wilde zichzelf en zijn gezin beschermen tegen Argentijnse banken "die zomaar geld van je rekening kunnen halen." Hij heeft zijn betrokkenheid bij de bedrijven nooit bij het hof gemeld. "Ze hebben er nooit naar gevraagd."

Paar miljoen

Als verklaring voor het geld dat in de bedrijven in Panama en de Maagdeneilanden zat, geeft hij de opbrengst van de verkoop van zijn advocatenkantoor toen hij in 2003 naar het strafhof ging. Zijn salaris bij het hof, dat door NRC wordt geschat op zo'n 150.000 euro belastingvrij, was te laag om huizen in Buenos Aires en Den Haag aan te houden en maandelijks op en neer te reizen, stelt Ocampo. "Ik ben zo gul geweest om mijn eigen geld uit te geven om voor de publieke sector te werken."

Nadat hij bij het Strafhof weg was gegaan hevelde hij bezittingen over naar Uruguay (ook een belastingparadijs) en liquideerde hij zijn Panamese brievenbusfirma, net als een Zwitserse bankrekening waar hij grote hoeveelheden contant geld vanaf haalde. Toen een employé daar vroeg of ze hem nog eens zouden zien antwoordde Ocampo dat hij "nog een paar miljoen gaat proberen te verdienen" en dan terugkomt.

Flamboyant

De activiteiten van Ocampo in Panama en op de Maagdeneilanden zijn saillant, omdat hij bekendstond als corruptiebestrijder voor hij bij het strafhof kwam. In Argentinië vervolgde hij oud-leden van de junta en later was hij de Latijns-Amerikaanse voorzitter van Transparency International, een organisatie die juist ageert tegen offshorebedrijven.

Volgens oorlogsmisdaden-onderzoeker Thijs Bouwknegt van het NIOD, die al jaren het Internationaal Strafhof volgt, past deze handelwijze wel bij Ocampo. "Hij is altijd al flamboyant geweest. Hij is Argentinië begonnen met het vervolgen van de junta, toen is hij tv-rechter geworden en heeft hij met Diego Maradona gewerkt", zei Bouwknegt in het radioprogramma Nieuws & Co.

"Daarna heeft hij zich als advocaat ingezet voor dubieuze zaken. Hij werkte bijvoorbeeld voor tabaksfabrikant Philip Morris. Hij had een dubbele agenda, dat is op zijn minst discutabel."

De huidige aanklager van het Internationaal Strafhof, Fatou Bensouda, zegt dat ze de zaak grondig wil laten onderzoeken.