Steeds minder zondagskinderen geboren

ANP

In 2016 werden de meeste baby's geboren op vrijdag 8 juli. De ambtenaren van de burgerlijke stand moesten 610 aangiften verwerken. Een andere uitschieter was vrijdag 16 september met 599 geboortes.

Twee vrijdagen, dat past goed bij het gemiddelde. Want de meeste kinderen worden op een vrijdag geboren (15,8 procent), gevolgd door woensdag (15,4 procent). In het weekend vinden een stuk minder geboortes plaats. De minste geboortes zijn op een zondag (11,3 procent).

Dat was vijftig jaar geleden anders, stelt Jan Latten. Hij is hoofddemograaf van het Centraal Bureau voor de Statistiek, dat de cijfers verzamelde. Geboortes worden steeds meer gepland, zegt Latten. Kinderen worden nu in de meeste gevallen in een ziekenhuis geboren en dan is een doordeweekse dag makkelijker dan een weekend.

Ze verrekenen zich eigenlijk een beetje.

Jan Latten, CBS

Dat plannen doen de ouders zelf ook steeds meer. Als je het ze vraagt, hebben ze het liefst een lentekindje. Toch zijn de meeste bevallingen in de herfst.

Het verschil is te verklaren door de komst van betrouwbare anticonceptie in de jaren 70 en 80, legt Latten uit. "Ouders plannen bewust wanneer ze met anticonceptie moeten stoppen. Maar omdat moeders steeds ouder zijn als ze hun eerste kind krijgen, zie je dat het wat langer duurt om zwanger te raken. Ze verrekenen zich eigenlijk een beetje."

Flexwerken

Tijdens een recessie en in een oorlog worden minder kinderen geboren. Dat is een patroon dat zich al sinds de Tweede Wereldoorlog herhaalt. Ook bij de laatste economische crisis zag het CBS het geboortecijfers inzakken. Wat nu opvalt: het blijft relatief laag, ondanks enkele goede economische jaren.

Latten denkt dat het te maken heeft met de flexibele arbeidscontracten van potentiële ouders, waardoor het krijgen van een kind lastiger wordt. Het CBS onderzoekt dit fenomeen momenteel.

Sterven een beslissing

Het CBS nam ook de sterftecijfers onder de loep. Steeds vaker overlijden mensen doordeweeks. Dat is volgens Latten geen toeval. Het kan te maken hebben met de medicalisering van het sterven, stelt Latten. Gecompliceerde medische ingrepen worden vaker op een werkdag uitgevoerd. Maar er lijkt volgens Latten meer aan de hand. "Sterven is steeds vaker een beslissing. En dan bedoel ik niet euthanasie. Het stopzetten van een behandeling past daar ook in."

De afgelopen veertig jaar veranderde ons sterftecijfer. Tot de jaren zeventig overleden doordeweeks net zo veel mensen als in het weekend. Maar de afgelopen jaren neemt het verschil toe.

Het onderzoek naar de geboorte- en sterftecijfers laat volgens Latten zien dat we het begin en het einde van het leven steeds meer beïnvloeden. "Je ziet een normverandering in de samenleving. Een geleidelijke verandering van hoe we omgaan met nieuw leven en de dood en dat geeft stof tot nadenken."